-
Maak 3-7 vragen met Te-woord.

Please record your questions on https://rebrand.ly/record-voice and post your link below.86 Comments-
-
1. Ja, ik heb het weleens geprobeerd te spelen. / Nee, ik heb het nooit geprobeerd te spelen.
2. Ja, ik ben soms vergeten mijn voordeur te sluiten. / Nee, ik ben nooit vergeten mijn voordeur te sluiten.
3. Ja, ik durf zeker voor een groot publiek te spreken. / Nee, ik durf niet voor een groot publiek te spreken. -
1. Nee, ik heb het nog nooit geprobeerd. / Ja, ik heb het een paar keer geprobeerd. (het = paddel spelen)
2. Nee, ik ben nooit vergeten mijn voordeur te sluiten. / Ik ben vaak vergeten mijn voordeur te sluiten.
3.Nee, ik durf nooit voor een groot publiek te spreken. / Ik durf vooral voor een grote publiek te spreken.
-
-
-
1. Ja, ik probeer vanavond natuurlijk te komen. / Nee, ik probeer vanavond niet te komen.
2. Ja, ik beloof je je huiswerk snel te maken. / Nee, ik beloof je je huiswerk niet te maken.
3. Ja, ik lig graag tv te kijken. / Nee, ik lig niet tv te kijken. -
1. Nee, ik probeer vanavond niet te komen. Ja, ik probeer vanavond zeker te komen.
2. Nee, ik beloof je jouw huiswerk niet te maken. Ja, ik beloof je jouw huiswerk misschien te maken.
3. Nee, ik lig geen tv te kijken. Ja, ik lig soms tv te kijken. -
– Nee, ik probeer vanavond niet te komen.
– Ja, ik probeer vanavond misschien te komen.
– Nee, ik beloof je jouw huiswerk niet te maken.
– Ja, ik beloof je jouw huiswerk altijd te maken.
– Nee, ik lig geen tv te kijken.
– Ja, ik lig zeker tv te kijken. -
1. Nee, ik probeer vanavond niet te komen. / Ja, ik probeer vanavond ook te komen.
2. Nee, ik beloof je je huiswerk niet te maken. / Ja, ik beloof je je huiswerk natuurlijk te maken.
3. Nee, ik lig niet tv te kijken. / Ja, ik lig zeker tv te kijken. -
1. Nee, ik probeer vanavond niet te komen. / Ja, ik probeer vanavond misschien te komen.
2. Nee, ik beloof je jouw huiswerk niet te maken. Ja, ik beloof je jouw huiswerk zeker te maken.
3. Nee, ik lig geen tv te kijken. Ja, ik lig altijd tv te kijken. -
1. Nee, ik probeer vanavond niet te komen. / Ja, ik probeer vanavond ook te komen.
2. Nee, ik beloof je je huiswerk niet te maken./ Ja, ik beloof je je huiswerk misschien te maken.
3. Nee, ik lig nu niet tv te kijken./ Ja, ik lig soms tv te kijken.
-
-
-
1. Nee, ik hoef vandaag niet op kantoor te werken. Ja, ik hoef altijd op kantoor te werken.
2. Ik vergeet niet te komen. Helaas, ik vergeet te komen.
3. Nee, ik besluit morgen geen huiswerk te maken. Ja, ik besluit morgen zeker huiswerk te maken. -
– Ja, ik moet elke dag op kantoor werken.
– Nee, ik hoef vandaag niet op kantoor te werken
– De docent vergeet zeker te komen
– Zij vergeet niet te komen.
– Nee, ik besluit morgen geen huiswerk te maken
– Ja, ik besluit morgen ook huiswerk te maken. -
1. Nee, ik hoef vandaag niet op kantoor te werken. / Ja, ik moet soms op kantoor te werken.
2. Ik vergeet niet te komen. / Ik vergeet ook te komen.
3. Nee, ik besluit morgen geen huiswerk te maken. / Ja, ik besluit morgen misschien huiswerk te maken.
-
-
-
1. Nee, ik durf niet voor de klas te spreken. / Ik durf af en toe voor de klas te spreken.
2. Nee, ik vergeet nooit in de supermarkt te betalen. Ja, ik vergeet vaak in de supermarkt te betalen.
3. Nee, ik probeer zelden te sporten. / Ik probeer zeker elke dag te sporten. -
1. Nee, ik durf niet voor de klas te spreken. / Ja, ik durf soms voor de klas te spreken.
2. Nee, ik vergeet nooit in de supermarkt te betalen./ Ja, ik vergeet wel in de supermarkt te betalen.
3. Nee, ik probeer niet elke dag te sporten./ Ja, ik probeer soms elke dag te sporten.
-
-
-
1. Nee, ik begin niet te rennen./ Ja, ik begin straks te rennen.
2. Nee, ik ben niet vergeten te betalen./ Ja, ik ben gisteravond vergeten te betalen.
3. Nee, ik heb besloten geen Nederlands te studeren./ Ja, ik heb besloten later Nederlands te studeren.
-
-
-
-
Nee, ik hoef morgen niet te werken. / Ja, ik hoef morgen zeker te werken.
Nee, ik zit vanavond mijn huiswerk niet te maken. / Ja, ik zit vanavond mijn huiswerk natuurlijk te maken.
Nee, ik beloof morgen niet met hem te praten. / Ja, ik beloof morgen misschien met hem te praten. -
1. Nee, ik hoef morgen niet te werken. / Ja, ik hoef morgen ook te werken.
2. Nee, ik zit vanavnd mijn huiswerk niet te maken. / Ja, ik zit vanavond mijn huiswerk zeker te maken.
3. Nee, ik beloof morgen niet met hem te praten. / Ja, ik beloof morgen mischien met hem te praten.
-
-
-
1. Ik ben geen Nederlands te leren. / Ik ben ook Nederlands te leren.
2. Nee, ik zit geen film te kijken. / Ik zit ook naar een film te kijken.
3. Nee, ik begin mijn huiswerk niet te maken. Ik begin ook met mijn huiswerk te maken.
-
-
-
1.Ik ga niet ontspannen, ik ga dit weekend om te rollerschaatsen
2. Ik probeer om Nederlands te leren door my opdrachten te maken
3. Nee, ik durf niet in donker om te lopen in het park -
1. Ik ga vaak in de buurt wandelen om te ontspannen. Ik ga niet ontspannen omdat ik heel veel werk heb.
2. Ik maak altijd mijn huiswerk om Nederlands te leren. Ik probeer niet om Nederlands te leren.
3. Ik durf niet om in het donker te lopen in het park. Ik durf soms om in het donker te lopen in het park.
-
-
-
-
1. Ja, ik ga naar het centrum om te winkelen. Nee, ik ga niet naar het centrum om te winkelen.
2. Ja, ik beslis om een film te kijken. Nee, ik beslis om geen film te kijken.
3. Ja, ik heb een Apple Watch gekocht om mijn gezondheid te volgen. Nee, ik heb geen Apple Watch gekocht om mijn gezondheid te volgen.
-
-
-
1. Hoe lang sta je op de bus te wachten?
Ik sta niet op de bus te wachten.
Ik sta al tien minuten geduldig op de bus te wachten.
2. Vergeet jij vandaag naar de sportschool te komen?
Nee, ik vergeet vandaag niet naar de sportschool te komen.
Nee, ik kom vandaag bewust naar de sportschool.
3. Zit jij op de bank een boek te lezen?
Nee, ik zit niet op…Read More -
1. Hoe lang sta je op de bus te wachten?
Ik sta al drie minuten op de bus te wachten.
Ik sta niet op de bus te wachten.
2. Vergeet jij vandaag naar de sportschool te komen?
Ja, ik vergeet vandaag naar de sportschool te komen.
Nee, ik kom vandaag al naar de sportschool.
3. Zit jij op de bank een boek te lezen?
Nee, ik zit niet op de bank een boek…Read More
-
-
-
1. Probeer je elke dag Nederlands te oefenen?
Ja, ik probeer elke dag Nederlands te oefenen.
Nee, soms mis ik het om elke dag Nederlands te oefenen.
2. Ben je vergeten je huiswerk te maken?
Ja, ik ben vandaag vergeten mijn huiswerk te maken.
Nee, ik vergeet nooit mijn huiswerk te maken.
3. Durf je in het openbaar te spreken?
Ik durf altijd in…Read More -
1. Probeer je elke dag Nederlands te oefenen?
Ja, ik probeer elke dag Nederlands te oefenen.
Nee,ik probeer niet elke dag Nederlands te oefenen.
2. Ben je vergeten je huiswerk te maken?
Ja, ik ben soms vergeten mijn huiswerk te maken.
Nee, ik vergeet nooit mijn huiswerk te maken.
3. Durf je in het openbaar te spreken?
Ik durf soms in het openbaar…Read More
-
-
-
1. Nee, ik ben niet vergeten naar kantoor te komen./ Ik ben soms vergeten naar kantoor te komen.
2. Ik zit mijn boek niet te lezen. / Ik zit mijn boek zeker te lezen.
3. Ik hoef vandaag niet te werken. / Ik hoef vandaag niet zeker te werken.-
#2: Ik zit niet mijn boek te lezen.
-
-
-
1. Ja, ik vergeet altijd om naar kantoor te komen. Nee, ik ben niet vergeten om naar kantoor te komen.
2. Ja, ik zit soms mijn boek te lezen. Nee, ik zit niet mijn boek te lezen.
3. Ik moet vandaag werken omdat mijn baas op vakantie is. / Ik hoef vandaag niet te werken. -
1. Nee, ik ben niet vergeten naar kantoor te komen. Ik ben blijkbaar vergeten naar kantoor te komen.
2. Nee, ik zit geen boek te lezen. Ik zit juist een boek in de woonkamer te lezen.
3. Nee, ik hoef vandaag niet te werken. Ik hoef vandaag helemaal niet te werken, omdat ik vrij ben.
-
-
-
-
1. Nee, ik ga niet naar de sportschool om te sporten. Ik ga regelmatig naar de sportschool om te sporten.
2. Nee, ik heb geen tijd om een koffie te drinken. Ik heb vast wel tijd om een koffie te drinken.
3. Nee, ik sta niet vroeg op om te studeren. Ik sta graag vroeg op om te studeren.
-
- Load More Posts

https://record.reverb.chat/s/U1XzH6uavDmwzWQyCEFe