-
-
1. Jullie hebben geen huisgenoot.
2. Ik heb geen honger.
3. Zij heeft geen afspraak met haar huisarts.
4. Hij heeft geen geld en geen huis.
5. Het bedrijf heeft geen keuken.
6. Jullie hebben geen voorstel.
7. Mijn dochter heeft geen tante.
8. Wij hebben geen afval.
9. Je hebt geen bonnetje.
10. Wij hebben geen kennis. -
1. Ik heb geen foto’s van mijn vader
2. Zij heeft geen ramen in de kamer
3. Mijn kas heeft geen dak meer
4. Hij heeft geen meubels in het huis
5. De koffie heeft geen suiker
6. We hebben geen mobiel bereik
7. De tafel heeft geen poten
8. De lampen hebben geen gloeilampen
9. Melissa heeft geen huisdieren
10. Jullie hebben geen geld -
1. De boom heeft geen vruchten.
2. Het kantoor heeft geen bureau.
3. Jane en Lisa hebben geen klant.
4. De woning heeft geen voortuin.
5. Ik heb geen kinderen.
6. Je hebt geen trots.
7. De markt heeft geen appels.
8. Wij hebben geen winkelwagen.
9. De dochter heeft geen stethoscoop.
10. Ik heb geen medewerkers.
- Load More Posts

1. Jij hebt geen geld.
2. Jullie hebben geen water.
3. Wij hebben geen auto.
4. Hij heeft geen idee.
5. Zij heeft geen rok.
6. Ik heb geen baan.
7. Zij heeft geen pen.
8. Wij hebben geen kleren.
9. Ik heb geen tafel.
10. Jullie hebben geen telefoon.