-
Dutchbook huiswerk:👍
Boek. Pagina 138. Opdracht 6.
Plaats jouw antwoorden hieronder:144 Comments-
1. Zal ik morgen boodschappen doen?
2. Zal hij vanavond naar Duitsland gaan?
3. Zullen wij vandaag schoonmaken?
4. Zullen jullie volgende week vakantie gaan?
5. Zal zij vanavond het kantoor bellen? -
1. Zal ik met jouw taken helpen?
2. Zal jij onze huur betalen?
3. Zal hij haar tas vasthouden?
4. Zal zij zijn auto wassen?
5. Zal jullie met ons komen? -
1. Zal ik morgen gaan?
2. Zullen wij jullie met de schoonmaken helpen?
3. Zal ik avondeten koken?
4. Zullen wij een film kijken?
5. Zullen we naar het park fietsen? -
1. Zal ik vanavond de boodschappen doen?
2. Zal ik ās ochtends de bloemen water geven?
3. Zullen wij morgen in de bibliotheek werken?
4. Zullen wij naar de bioscoop een film kijken?
5. Zal ik vanavond het avondeten klaarmaken?
6. Zullen wij vanavond in het restaurant eten? -
1. Zal ik je jas meenemen?
2. Zullen we je naar huis brengen?
3. Zal ik de afwas doen?
4. Zal ik het avondeten doen?
5. Zullen we jou met jouw huiswerk helpen? -
1. Zullen wij vandaag boodschappen doen?
2. Zal ik voor je koffie brengen?
3. Zal ik voor je soep maken?
4. Zullen wij naar het station gaan?
5. Zullen wij morgen ontmoeten? -
Zullen wij ons huiswerk maken?
Zal ik met jou lunch eten?
Zullen wij op vrijdag naar Utrecht gaan?
Zal ik de afwas doen?
Zullen wij met jullie spelen? -
1. Zal ik met de auto rijden?
2. Zullen wij naar het museum gaan?
3. Zullen wij op zondag een afspraak maken?
4. Zal ik aan hem een uitnodiging sturen?
5. Zullen wij de kost delen? -
1. Zal ik de lunch koken?
2. Zullen wij het huiswerk doen?
3. Zullen jullie de kinderen nemen?
4. Zal jij een afspraak maken?
5. Zal ik vanavond een film kijken? -
1. Zullen wij in het weekend naar Brussels gaan?
2. Zullen wij volgend jaar naar Frankrijk reizen?
3. Zal ik jouw afwas doen?
4. Zal ik vanavond koken?
5. Zal ik morgen boodschappen? -
1. Zal ik met hem praten?
2. Zullen kinderen op straat spelen?
3, Zal hij een brief naar het kantoor sturen?
4. Zal ik met haar werken?
5. Zal ik de melk in de koelkast bewaren? -
1. Zal ik koken?
2. Zal ik betalen?
3. Zullen wij dansen?
4. Zullen wij ontmoeten?
5. Zal ik autorijden? -
1. Zullen wij een kerstmarkt bezoeken?
2. Zal ik een koffie drinken?
3. Zullen wij naar Utrecht verhuizen?
4. Zullen wij een cadeau kopen voor de leraar?
5. Zal ik mijn moeder bellen? -
1. Zal ik het boek meenemen?
2. Zal ik vanavond thuis blijven?
3. Zullen wij het huiswerk niet vergeten?
4. Zullen wij onze ouders bezoeken?
5. Zal ik het kantoor schoonmaken? -
1. Zullen we vanmiddag het Nigeriaanse belastingregime doornemen?
2. Zal ik volgende week met de leverancier een afspraak maken ?
3. Zullen we vrijdag een taart kopen voor de verjaardag van je moeder?
4. Zullen we vanavond voorstellen opstellen?
5. Zal ik mijn baas bellen? -
1. Zal ik de deur voor je openen?
2. Zullen we samen naar de winkel gaan?
3. Zal ik het licht aandoen?
4. Zullen we vanavond een film kijken?
5. Zal ik je helpen met je huiswerk?
6. Zullen we morgen vroeg vertrekken?
7. Zal ik een kopje koffie voor je maken?
8. Zullen we deze oefening samen doen?
9. Zal ik de ramen sluiten?
10. Zullen we straks…Read More -
1- Zal ik de hekken schilderen?
2- Zullen wij de antwoorden delen?
3- Zal ik de fietsen repareren?
4- Zal ik voor de rekening vragen?
5- Zal ik de samenvatting opstellen?
6- Zullen wil de kat naar de dierenarts brengen?
7- Zullen wij een nieuw restaurant ontdekken? -
1. Zal ik vandaag de bomen water geven?
2. Zullen we de tafels voor je reserveren?
3. Zal ik de airconditioning aanzetten?
4. Zullen we vandaag Nederlands oefenen?
5. Zal ik de afspraak voor je bevestigen?
6. Zal ik de betaling meteen regelen? -
1.Zal ik morgen de tafel dekken?
2.Zal jij vanavond de hond uitlaten?
3.Zal hij morgen de fiets repareren?
4.Zal zij vanmiddag haar vriendin bezoeken?
5.Zullen wij morgen samen studeren?
6.Zullen jullie vanavond een film kijken?
7.Zullen zij morgen het project afmaken? -
1. Zal ik morgen de boodschappen doen?
2. Zal jij vanavond het diner maken?
3. Zal hij morgen de computer repareren?
4. Zal zij vanmiddag haar moeder bellen?
5. Zullen wij morgen een presentatie voorbereiden?
6. Zullen jullie vanavond het spel spelen?
7. Zullen zij morgen de kamer schoonmaken?
8. Zal ik vanmiddag de documenten printen?
9.…Read More
-
1. Zal ik morgenochtend de afspraak afbellen?
2. Zal ik instappen?
3. Zal zij vanmiddag de nieuwe jurk aantrekken?
4. Zal hij vanavond opblijven?
5. Zal ik morgen doorwerken?
6. Zullen wij het contract goedkeuren?
7. Zullen wij oversteken?
8. Zullen wij jullie naar ons huis uitnodigen?
9. Zal ik morgenavond naar huis teruggaan?
10. Zal ik deze cup…Read More -
1. Zal ik overmorgen de boodschappen doen?
2. Zal jij doordeweeks koken?
3. Zal zij vanavond haar ouders bellen?
4. Zullen wij morgen naar de bibliotheek gaan?
5. Zal ik vanavond tv kijken?
6. Zullen jullie vanmiddag wandelen?
7. Zal hij vandaag fietsen?
8. Zullen wij morgenochtend appel sap maken? -
1. Zullen wij morgen een nieuw project beginnen?
2. Zal ik morgen het document controleren?
3. Zullen wij vanmiddag het rapport bekijken?
4. Zal ik morgen het probleem onderzoeken?
5. Zullen wij binnenkort naar Oostenrijk reizen? -
1. Zal ik op een lege maag koffie drinken?
2. Zullen wij dit alles uit ons hoofd leren?
3. Zal ik het nieuwe gereedschap gebruiken?
4. Zullen wij zijn brutale gedrag stoppen?
5. Zal ik mijn eigen keuze maken?
6. Zullen wij uw hond uitlaten?
7. Zal ik jouw hamer vasthouden?
8. Zullen wij een miljoen euro stelen?
9. Zal ik de politie bellen?
10.…Read More -
1. Zullen we volgende zondag naar het Wereldkampioenschap kijken?
2. Zullen we vanavond pasta maken?
3. Zal ik je helpen met je taken?
4. Zal ik mijn laptop meenemen?
5, Zullen we vanavond naar de bioscoop gaan? -
1. Zal ik hun kledingkast organiseren?
2. Zullen wij jullie afval weggooien?
3. Zullen wij in het weekend naar een restaurant gaan?
4. Zal ik jouw kinderen meenemen?
5. Zullen wij in het park ontmoeten?
6. Zal ik deze constructie met dit programma controleren?
7. Zullen we een vergadering met de hele groep plannen? -
1. Zal ik vanavond jouw eten eten?
2. Zal ik morgen jouw auto lenen?
3. Zullen wij in de zomer geen ventilator gebruiken?
4. Zal ik elke dag jou slaan?
5. Zal ik in de toekomst geen douche doen? -
1. Zal ik hem vergeven?
2. Zullen we een actie ondernemen?
3. Zal hij een bezwaar maken?
4. Zullen ze het eten verstrekken?
5. Zal hij de jongens inspireren?
6. Zal ik het probleem oplossen?
7. Zullen we voor de bruiloft aankleden?
8. Zal ik het koffiezetapparaat aanzetten?
9. Zal jij vanavond jouw cadeautjes uitpakken?
10. Zullen we dit formulier…Read More -
1. Zal ik vanavond de kinderen krijgen?
2. Zullen wij morgen over politiek praten?
3. Zullen wij dit weekend bloemen in de tuin planten?
4. Zal zij volgende maand een nieuwe baan beginnen?
5. Zullen wij ze zaterdag voor het ontbijt uitnodigen? -
1. Zal ik deze film bekijken?
2. Zul jij op het komende evenement optreden?
3. Zult u dit project aantonen?
4. Zal hij deze bloemen verkopen?
5. Zal zij morgen een afspraak maken?
6. Zullen wij ons ‘s avonds thuis aankomen?
7. Zullen jullie deze muur schoonmaken?
8. Zullen zij ons bezoeken? -
1. Zullen wij met de kinderen spelen?
2. Zal ik vanavond nagerecht eten?
3. Zal ik jouw auto rijden?
4. Zullen wij in het park wandelen?
5. Zal ik haar verjaardag organiseren?
- Load More Posts

een email / op het feest