-
Dutchbook huiswerk:👍
Boek. Pagina 149. Opdracht 6.
Plaats jouw antwoorden hieronder:-
1. Ik heb 2 uur lang gezwommen.
2. Mijn vriend heeft hard om de grap gelachen.
3. De jongen heeft zijn vriendje geslagen.
4. De rivier is vannacht bevroren.
5. Hoe laat zijn jullie vertrokken?
6. Ik heb aan de bloem geroken.
7. De ober heeft de drank in het glas gegoten.
8. Hij heeft altijd op zijn vader geleken.
9. De zon heeft de hele dag…Read More -
1. Ik heb 2 uur lang gezwommen.
2. Mijn vriend heeft hard om de grap gelachen.
3. De jongen heeft zijn vriendje geslagen.
4. De rivier heeft vannacht bevrozen.
5. Hoe laat zijn jullie vertrokken?
6. Ik heb aan de bloem geroken.
7. De ober heeft de drank in het glas gegoten.
8. Hij heeft altijd op zijn vader geleken.
9. De zon heeft de hele dag…Read More -
1. Ik heb 2 uur lang gezwommen.
2. Mijn vriend heeft hard om de grap gelachen.
3. De jongen heeft zijn vriendje geslagen.
4. De rivier heeft vannacht bevriest.
5. Hoe laat zijn jullie vertrokken.
6. Ik heb aan de bloem geroken.
7. De ober heeft de drank in het glas gegoten.
8. Hij heeft altijd op zijn vader gelijkt.
9. De zon heeft de hele dag…Read More -
1. Ik heb 2 uur lang gezwommen.
2. Mijn vriend heeft hard om de grap gelachen.
3. De jongen heeft zijn vriendje geslagen.
4. De rivier is vannacht bevroren.
5. Hoe laat zijn jullie vertrokken?
6. Ik heb aan de bloem geroken.
7. De ober heeft de drank in het glas gegoten.
8. Hij heeft altijd op zijn vader geleken.
9. De zon heeft de hele dag…Read More -
1. Ik heb 2 uur lang gezwommen.
2. Mijn vriend heeft hard om de grap gelachen.
3. De jongen heeft zijn vriendje geslagen.
4. De rivier is vannacht bevroren.
5. Hoe laat zijn jullie vertrokken?
6. Ik heb aan de bloem geroken.
7. De ober heeft de drank in het glas gegoten.
8. Hij heeft altijd op zijn vader geleken.
9. De zon heeft de hele dag…Read More -
1. Ik heb 2 uur land gezwommen.
2. Mijn vriend heeft hard om de grap gelachen.
3. De jongen hebben zijn vriendje geslagen.
4. De rivier heeft vannacht bevroren.
5. How laat hebben jullie vertrokken?
6. Ik heb aan de bloem geroken.
7. De ober heeft de drank in het glas gegoten.
8. Hij heeft altijd op zijn vader geleken.
9. De zon heeft de…Read More -
1. Ik heb 2 uur lang gezwommen.
2. Mijn vriend heeft hard om de grap gelachen.
3. De jongen heeft zijn vriendje geslagen.
4. De rivier is vannacht bevroren.
5. Hoe laat zijn jullie vertrokken?
6. Ik heb aan de bloem geroken.
7. De ober heeft de drank in het glas gegoten.
8. Hij heeft altijd op zijn vader geleken.
9. De zon heeft de hele dag…Read More -
1. Ik heb 2 uur lang gezwommen.
2. Mijn vriend heeft hard om de grap gelachen.
3. De jongen heeft zijn vriendje geslagen.
4. De rivier is vannacht bevroren.
5. Hoe laat zijn jullie vertrokken?
6. Ik heb aan de bloem geroken.
7. De ober heeft de drank in het glas gegoten.
8. Hij heeft altijd op zijn vader geleken.
9. De zon heeft de hele dag…Read More -
1. Ik heb 2 uur lang gezwommen
2. Mijn vriend heeft hard om de grap gelachen
3. De jongen heeft zijn vriendje geslagen
4. De rivier is vannacht bevroren
5. Hoe laat zijn jullie vertrokken?
6. Ik heb aan de bloem geroken
7. De ober heeft de drank in het glas gegoten
8. Hij heeft altijd op zijn vader geleken
9. De zon heeft de hele dag geschenen
10.…Read More -
1. Ik heb 2 uur lang gezwommen.
2. Mijn vriend heeft hard om de grap gelachen.
3. De jongen heeft zijn vriendje geslagen.
4. De rivier is vannacht bevroren.
5. Hoe laat zijn jullie vertrokken?
6. Ik heb aan de bloem geroken.
7. De ober heeft de drank in het glas gegoten.
8. Hij heeft altijd op zijn vader geleken.
9. De zon heeft de hele dag…Read More -
1. Ik heb 2 uur lang gezwommen
2. Mijn vriend heeft hard om de grap gelachen
3. De jongen heeft zijn vriendje geslagen
4. De rivier is vannacht bevroren
5. Hoe laat zijn jullie vertrokken?
6. Ik heb aan de bloem geroken
7. De ober heeft de drank in het glas gegoten
8. Hij heeft altijd op zijn vader geleken
9. De zon heeft de hele dag geschenen
10.…Read More -
1. Ik heb 2 uur lang gezwommen.
2. Mijn vriend heeft hard om de grap gelachen.
3. De jongen heeft zijn vriendje geslagen.
4. De rivier is vannacht bevroren.
5. Hoe laat zijn jullie vertrokken?
6. Ik heb aan de bloem geroken.
7. De ober heeft de drank in het glas gegoten.
8. Hij heeft altijd op zijn vader geleken.
9. De zon heeft de hele dag…Read More -
1. Ik heb 2 uur lang gezwommen.
2. Mijn vriend heeft hard om de grap gelachen.
3. De jongen heeft zijn vriendje geslagen.
4. De rivier is vannacht bevroren.
5. Hoe laat zijn jullie vertrokken?
6. Ik heb aan de bloem geroken.
7. De ober heeft de drank in het glas gegoten.
8. Hij heeft altijd op zijn vader geleken.
9. De zon heeft de hele dag…Read More -
1. Ik heb 2 uur lang gezwommen.
2. Mijn vriend heeft hard om de grap gelachen.
3. De jongen heeft zijn vriendje geslagen.
4. De rivier is vannacht bevroren.
5. Hoe laat zijn jullie vertrokken?
6. Ik heb aan de bloem geroken.
7. De ober heeft de drank in het glas gegoten.
8. Hij heeft altijd op zijn vader geleken.
9. De zon heeft de hele dag…Read More -
1. Ik heb 2 uur lang gezwommen.
2. Mijn vriend heeft hard om de grap gelachen.
3. De jongen heeft zijn vriendje geslagen.
4. De rivier is vannacht bevroren.
5. Hoe laat zijn jullie vertrokken?
6. Ik heb aan de bloem geroken.
7. De ober heeft de drank in het glas gegoten.
8. Hij heeft altijd op zijn vader geleken.
9. De zon heeft de hele dag…Read More -
1. Ik heb 2 uur lang gezwommen.
2. Mijn vriend heeft hard om de grap gelachen.
3. De jongen heeft zijn vriendje geslagen.
4. De rivier is vannacht bevroren.
5. Hoe laat zijn jullie vertrokken?
6. Ik heb aan de bloem geroken.
7. De ober heeft de drank in het glas gegoten.
8. Hij heeft altijd op zijn vader geleken.
9. De zon heeft de hele d…Read More -
1. Ik heb 2 uur lang gezwommen.
2. Mijn vriend heeft hard om de grap gelachen.
3. De jongen heeft zijn vriendje geslagen.
4. De rivier is vannacht bevroren.
5. Hoe laat zijn jullie vertrokken?
6. Ik heb aan de bloem geroken.
7. De ober heeft de drank in het glas gegoten.
8. Hij heeft altijd op zijn vader geleken.
9. De zon heeft de hele dag…Read More -
1. Ik heb 2 uur lang gezwommen.
2. Mijn vriend heeft hard om de grap gelachen.
3. De jongen heeft zijn vriendje geslagen.
4. De rivier is vannacht bevroren.
5. Hoe laat hebben zijn jullie vertrokken?
6. Ik heb aan de bloem geroken.
7. De ober heeft de drank in het glas gegoten.
8. Hij heeft altijd op zijn vader geleken.
9. De zon heeft de hele dag…Read More -
1. Ik heb 2 uur lang gezwommen.
2. Mijn vriend heeft hard om de grap gelachen.
3. De jongen heeft zijn vriendje geslagen.
4. De rivier is vannacht bevroren.
5. Hoe laat zijn jullie vertrokken?
6. Ik heb aan de bloem geroken.
7. De ober heeft de drank in het glas gegoten.
8. Hij heeft altijd op zijn vader geleken.
9. De zon heeft de hele dag…Read More -
1. Ik heb/ben 2 uur lang gezwommen.
2. Mijn vriend heeft hard om de grap gelachen.
3. De jongen heeft zijn vriendje geslagen.
4. De rivier is vannacht bevroren.
5. Hoe laat zijn jullie vertrokken?
6. Ik heb aan de bloem geroken.
7. De ober heeft de drank in het glas gegoten.
8. Hij heeft altijd op zijn vader geleken.
9. De zon heeft de hele dag…Read More -
1. Ik heb 2 uur lang gezwommen.
2. Mijn vriend heeft hard om de grap gelachen.
3. De jongen heeft zijn vriendje geslagen.
4. De rivier is vannacht bevroren.
5. Hoe laat zijn jullie vertrokken?
6. Ik heb aan de bloem geroken.
7. De ober heeft de drank in het glas gegoten.
8. Hij heeft altijd op zijn vader geleken.
9. De zon heeft de hele dag…Read More -
1. Ik heb 2 uur lang gezwommen.
2. Mijn vriend heeft hard om de grap gelachen.
3. De jongen heeft zijn vriendje geslagen.
4. De rivier is vannacht bevroren.
5. Hoe laat zijn jullie vertrokken?
6. Ik heb aan de bloem geroken.
7. De ober heeft de drank in het glas gegoten.
8. Hij heeft altijd op zijn vader geleken.
9. De zon heeft de hele dag…Read More -
1. Ik heb 2 uur lang gezwommen.
2. Mijn vriend heeft hard om de grap gelachen.
3. De jongen heeft zijn vriendje geslagen.
4. De rivier is vannacht bevroren.
5. Hoe laat zijn jullie vertrokken?
6. Ik heb aan de bloem geroken.
7. De ober heeft de drank in het glas gegoten.
8. Hij heeft altijd op zijn vader geleken.
9. De zon heeft de hele dag…Read More -
1. Ik heb 2 uur lang gezwommen.
2. Mijn vriend heeft hard om de grap gelachen.
3. De jongen heeft zijn vriendje geslagen.
4. De rivier is vannacht bevroren.
5. Hoe laat zijn jullie vertrokken?
6. Ik heb aan de bloem geroken.
7. De ober heeft de drank in het glas gegoten.
8. Hij heeft altijd op zijn vader geleken.
9. De zon heeft de hele dag…Read More -
1. Ik heb 2 uur lang gezwommen.
2. Mijn vriend heeft hard om de grap gelachen.
3. De jongen heeft zijn vriendje geslagen.
4. De rivier is vannacht bevroren.
5. Hoe laat zijn jullie vertrokken?
6. Ik heb aan de bloem geroken.
7. De ober heeft de drank in het glas gegoten.
8. Hij heeft altijd op zijn vader geleken.
9. De zon heeft de hele dag…Read More -
1. Ik heb 2 uur lang gezwommen.
2. Mijn vriend heeft hard om de grap gelachen.
3. De jongen heeft zijn vriendje geslagen.
4. De rivier is vannacht bevroren.
5. Hoe laat zijn jullie vertrokken?
6. Ik heb aan de bloem geroken.
7. De ober heeft de drank in het glas gegoten.
8. Hij heeft altijd op zijn vader geleken.
9. De zon heeft de hele dag…Read More -
1. Ik heb 2 uur lang gezwommen.
2. Mijn vriend heeft hard om de grap gelachen.
3. De jongen heeft zijn vriendje geslagen.
4. De rivier is vannacht bevroren.
5. Hoe laat zijn jullie vertrokken?
6. Ik heb aan de bloem geroken.
7. De ober heeft de drank in het glas gegoten.
8. Hij heeft altijd op zijn vader geleken.
9. De zon heeft de hele dag…Read More -
1. Ik heb 2 uur lang gezwommen.
2. Mijn vriend heeft hard om de grap gelachen.
3. De jongen heeft zijn vriendje geslagen.
4. De rivier is vannacht bevroren.
5. Hoe laat zijn jullie vertrokken?
6. Ik heb aan de bloem geroken.
7. De ober heeft de drank in het glas gegoten.
8. Hij heeft altijd op zijn vader geleken.
9. De zon heeft de hele d…Read More -
1. Ik heb 2 uur lang gezwommen.
2. Mijn vriend heeft hard om de grap gelachen.
3. De jongen heeft zijn vriendje geslagen.
4. De rivier is vannacht bevroren.
5. Hoe laat zijn jullie vertrokken?
6. Ik heb aan de bloem geroken.
7. De ober heeft de drank in het glas gegoten.
8. Hij heeft altijd op zijn vader geleken.
9. De zon heeft de hele dag…Read More -
1. Ik heb 2 uur lang gezwommen.
2. Mijn vriend heeft hard om de grap gelachen.
3. De jongen heeft zijn vriendje geslagen.
4. De rivier is vannacht bevrozen.
5. Hoe laat zijn jullie vertrokken?
6. Ik heb aan de bloem geroken.
7. De ober heeft de drank in het glas gegoten.
8. Hij heeft altijd op zijn vader geleken.
9. De zon heeft de hele dag…Read More -
1. Ik heb 2 uur lang gezwommen.
2. Mijn vriend heeft hard om de grap gelachen.
3. De jongen heeft zijn vriendje geslagen.
4. De rivier is vannacht bevroren.
5. Hoe laat zijn jullie vertrokken?
6. Ik heb aan de bloem geroken.
7. De ober heeft de drank in het glas gegoten.
8. Hij heeft altijd op zijn vader geleken.
9. De zon heeft de hele dag…Read More -
1. Ik ben 2 uur lang gezwommen.
2. Mijn vriend heeft hard om de grap gelachen.
3. De jongen heeft zijn vriendje geslagen.
4. De rivier is vannacht bevroren.
5. Hoe laat zijn jullie vertrokken?
6. Ik ben aan de bloem geroken.
7. De ober heeft de drank in het glas gegoten.
8. Hij heeft altijd op zijn vader geleken.
9. De zon heeft de hele dag…Read More -
1. Ik heb 2 uur lang gezwommen.
2. Mijn vriend heeft hard om de grap gelachen.
3. De jongen heeft zijn vriendje geslagen.
4. De rivier is vannacht bevroren.
5. Hoe laat zijn jullie vertrokken?
6. Ik heb aan de bloem geroken.
7. De ober heeft de drank in het glas gegoten.
8. Hij heeft altijd op zijn vader geleken.
9. De zon heeft de hele dag…Read More -
1. Ik heb 2 uur lang gezwommen.
2. Mijn vriend heeft hard om de grap gelachen.
3. De jongen heeft zijn vriendje geslagen.
4. De rivier is vannacht bevroren.
5. Hoe laat zijn jullie vertrokken?
6. Ik heb aan de bloem geroken.
7. De ober heeft de drank in het glas gegoten.
8. Hij heeft altijd op zijn vader geleken.
9. De zon heeft de hele dag…Read More -
1. Ik heb 2 uur lang gezwommen.
2. Mijn vriend heeft hard om de grap gelachen.
3. De jongen heeft zijn vriendje geslagen.
4. De rivier is vannacht bevroren.
5. Hoe laat zijn jullie vertrokken?
6. Ik heb aan de bloem geroken.
7. De ober heeft de drank in het glas gegoten.
8. Hij heeft altijd op zijn vader geleken.
9. De zon heeft de hele dag…Read More -
1. Ik heb 2 uur lang gezwommen.
2. Mijn vriend heeft hard om de grap gelachen.
3. De jongen heeft zijn vriendje geslagen.
4. De rivier is vannacht bevroren.
5. Hoe laat zijn jullie vertrokken?
6. Ik heb aan de bloem geroken.
7. De ober heeft de drank in het glas gegoten.
8. Hij heeft altijd op zijn vader geleken.
9. De zon heeft de hele dag…Read More -
1. Ik heb 2 uur lang gezwommen.
2. Mijn vriend heeft hard om de grap gelachen.
3. De jongen heeft zijn vriendje geslagen.
4. De rivier is vannacht bevroren.
5. Hoe laat zijn jullie vertrokken?
6. Ik heb aan de bloem geroken.
7. De ober heeft de drank in het glas gegoten.
8. Hij heeft altijd op zijn vader geleken.
9. De zon heeft de hele dag…Read More -
1. Ik heb 2 uur lang gezwommen.
2. Mijn vriend heeft hard om de grap gelachen.
3. De jongen heeft zijn vriendje geslagen.
4. De rivier is vannacht bevroren.
5. Hoe laat zijn jullie vertrokken?
6. Ik heb aan de bloem geroken.
7. De ober heeft de drank in het glas gegoten.
8. Hij heeft altijd op zijn vader geleken.
9. De zon heeft de hele dag…Read More -
1. Ik heb 2 uur lang gezwommen.
2. Mijn vriend heeft hard om de grap gelachen.
3. De jongen heeft zijn vriendje geslagen.
4. De rivier is vannacht bevroren.
5. Hoe laat zijn jullie vertrokken?
6. Ik heb aan de bloem geroken.
7. De ober heeft de drank in het glas gegoten.
8. Hij heeft altijd op zijn vader geleken.
9. De zon heeft de hele dag…Read More -
1. Ik heb 2 uur lang gezwommen.
2. Mijn vriend heeft hard om de grap gelachen.
3. De jongen heeft zijn vriendje geslagen.
4. De rivier is vannacht bevroren.
5. Hoe laat zijn jullie vertrokken?
6. Ik heb aan de bloem geroken.
7. De ober heeft de drank in het glas gegoten.
8. Hij heeft altijd op zijn vader geleken.
9. De zon heeft de hele dag…Read More -
1. Ik ben 2 uur lang gezwommen.
2. Mijn vriend heeft hard om de grap gelachen.
3. De jongen heeft zijn vriendje geslagen.
4. De rivier is vannacht bevroren.
5. Hoe laat zijn jullie vertrokken?
6. Ik heb aan de bloem geroken.
7. De ober heeft de drank in het glas gegoten.
8. Hij heeft altijd op zijn vader geleken.
9. De zon heeft de hele dag…Read More -
1. Ik heb 2 uur lang gezwommen.
2. Mijn vriend heeft hard om de grap gelachen.
3. De jongen heeft zijn vriendje geslagen.
4. De rivier is vannacht bevroren.
5. Hoe laat zijn jullie vertrokken?
6. Ik heb aan de bloem geroken.
7. De ober heeft de drank in het glas gegoten.
8. Hij heeft altijd op zijn vader geleken.
9. De zon heeft de hele dag…Read More -
1. Ik heb 2 uur lang gezwommen.
2. Mijn vriend heeft hard om de grap gelachen.
3. De jongen heeft zijn vriendje geslagen.
4. De rivier is vannacht bevroren.
5. Hoe laat zijn jullie vertrokken?
6. Ik heb aan de bloem geroken.
7. De ober heeft de drank in het glas gegoten.
8. Hij heeft altijd op zijn vader geleken.
9. De zon heeft de hele dag…Read More -
1.Ik heb een uur lang gefietst.
2.Mijn vriend heeft hard om mijn verhaal gelachen.
3.De jongen heeft zijn broer geholpen.
4.Het water is vannacht bevroren.
5.Hoe laat zijn jullie gisteren aangekomen?
6.Ik heb aan de bloemen geroken.
7.De ober heeft het eten op tafel gezet.
8.Hij heeft altijd op zijn moeder geleken.
9.De zon heeft de hele middag…Read More -
1. Ik heb 2 uur lang gezwommen.
2. Mijn vriend heeft hard om de grap gelachen.
3. De jongen heeft zijn vriendje geslagen.
4. De rivier is vannacht bevroren.
5. Hoe laat zijn jullie vertrokken?
6. Ik heb aan de bloem geroken.
7. De ober heeft de drank in het glas gegoten.
8. Hij heeft altijd op zijn vader geleken.
9. De zon heeft de hele dag…Read More -
1. Ik heb 2 uur lang gezwommen.
2. Mijn vriend heeft hard om de grap gelachen.
3. De jongen heeft zijn vriendje geslagen.
4. De rivier is vannacht bevroren.
5. Hoe laat zijn jullie vertrokken?
6. Ik heb aan de bloem geroken.
7. De ober heeft de drank in het glas gegoten.
8. Hij heeft altijd op zijn vader geleken.
9. De zon heeft de hele dag…Read More -
1. Ik heb 2 uur lang gezwommen.
2. Mijn vriend heeft hard om de grap gelachen.
3. De jongen heeft zijn vriendje geslagen.
4. De rivier is vannacht bevroren.
5. Hoe laat zijn jullie vertrokken?
6. Ik heb aan de bloem geroken.
7. De ober heeft de drank in het glas gegoten.
8. Hij heeft altijd op zijn vader geleken.
9. De zon heeft de hele dag…Read More -
1. Ik heb 2 uur lang gezwommen.
2. Mijn vriend heeft hard om de grap gelachen.
3. De jongen heeft zijn vriendje geslagen.
4. De rivier is vannacht bevroren.
5. Hoe laat zijn jullie vertrokken?
6. Ik heb aan de bloem geroken.
7. De ober heeft de drank in het glas gegoten.
8. Hij heeft altijd op zijn vader geleken.
9. De zon heeft de hele dag…Read More -
1. Ik heb 2 uur lang gezwommen.
2. Mijn vriend heeft hard om de grap gelachen.
3. De jongen heeft zijn vriendje geslagen.
4. De rivier is vannacht bevroren.
5. Hoe laat zijn jullie vertrokken?
6. Ik heb aan de bloem geroken.
7. De ober heeft de drank in het glas gegoten.
8. Hij heeft altijd op zijn vader geleken.
9. De zon heeft de hele dag…Read More -
1. Ik heb 2 uur lang gezwommen.
2. Mijn vriend heeft hard om de grap gelachen.
3. De jongen heeft zijn vriendje geslagen.
4. De rivier is vannacht bevroren.
5. Hoe laat zijn jullie vertrokken?
6. Ik heb aan de bloem geroken.
7. De ober heeft de drank in het glas gegoten.
8. Hij heeft altijd op zijn vader geleken.
9. De zon heeft de hele dag…Read More -
1. Ik heb 2 uur lang gezwommen.
2. Mijn vriend heeft hard om de grap gelachen.
3. De jongen heeft zijn vriendje geslagen.
4. De rivier is vannacht bevroren.
5. Hoe laat zijn jullie vertrokken?
6. Ik heb aan de bloem geroken.
7. De ober heeft de drank in het glas gegoten.
8. Hij heeft altijd op zijn vader geleken.
9. De zon heeft de hele dag…Read More -
1. Ik heb 2 uur lang gezwommen.
2. Mijn vriend heeft hard om de grap gelachen.
3. De jongen heeft zijn vriendje geslagen.
4. De rivier is vannacht bevroren.
5. Hoe laat zijn jullie vertrokken?
6. Ik heb aan de bloem geroken.
7. De ober heeft de drank in het glas gegoten.
8. Hij heeft altijd op zijn vader geleken.
9. De zon heeft de hele dag…Read More -
1. Ik heb 2 uur lang gezwommen.
2. Mijn vriend heeft hard om de grap gelachen.
3. De jongen heeft zijn vriendje geslagen.
4. De rivier is vannacht bevroren.
5. Hoe laat zijn jullie vertrokken?
6. Ik heb aan de bloem geroken.
7. De ober heeft de drank in het glas gegoten.
8. Hij heeft altijd op zijn vader geleken.
9. De zon heeft de hele dag…Read More -
1. Ik heb 2 uur lang gezwommen.
2. Mijn vriend heeft hard om de grap gelachen.
3. De jongen heeft zijn vriendje geslagen.
4. De rivier is vannacht bevroren.
5. Hoe laat zijn jullie vertrokken?
6. Ik heb aan de bloem geroken.
7. De ober heeft de drank in het glas gegoten.
8. Hij heeft altijd op zijn vader geleken.
9. De zon heeft de hele dag…Read More -
1. Ik heb 2 uur lang gezwommen.
2. Mijn vriend heeft hard om de grap gelachen.
3. De jongen heeft zijn vriendje geslagen.
4. De rivier is vannacht bevroren.
5. Hoe laat zijn jullie vertrokken?
6. Ik heb aan de bloem geroken.
7. De ober heeft de drank in het glas gegoten.
8. Hij heeft altijd op zijn vader geleken.
9. De zon heeft de hele dag…Read More -
1. Ik heb 2 uur lang gezwommen.
2. Mijn vriend heeft hard om de grap gelachen.
3. De jongen heeft zijn vriendje geslagen.
4. De rivier is vannacht bevroren.
5. Hoe laat zijn jullie vertrokken?
6. Ik heb aan de bloem geroken.
7. De ober heeft de drank in het glas gegoten.
8. Hij heeft altijd op zijn vader geleken.
9. De zon heeft de hele dag…Read More -
1. Ik heb 2 uur lang gezwommen.
2. Mijn vriend heeft hard om de grap gelachen.
3. De jongen heeft zijn vriendje geslagen.
4. De rivier is vannacht bevroren.
5. Hoe laat zijn jullie vertrokken?
6. Ik heb aan de bloem geroken.
7. De ober heeft de drank in het glas gegoten.
8. Hij heeft altijd op zijn vader geleken.
9. De zon heeft de…Read More -
1- Ik heb 2 uur lang gezwommen.
2- Mijn vriend heeft hard om de grap gelachen.
3- De jongen heeft zijn vriendje geslagen.
4- De rivier is vannacht bevroren.
5- Hoe laat zijn jullie vertrokken?
6- Ik heb aan de bloem geroken.
7- De ober heeft de drank in het glas gegoten.
8- Hij heeft altijd op zijn vader geleken.
9- De zon heeft de hele dag…Read More -
1. Ik heb 2 uur lang gezwommen.
2. Mijn vriend heeft hard om de grap gelachen.
3. De jongen heeft zijn vriendje geslagen.
4. De rivier is vannacht bevroren.
5. Hoe laat zijn jullie vertrokken?
6. Ik heb aan de bloem geroken.
7. De ober heeft de drank in het glas gegoten.
8. Hij heeft altijd op zijn vader geleken.
9. De zon heeft de hele dag…Read More -
1. Ik heb 2 uur lang gezwommen.
2. Mijn vriend heeft hard om de grap gelachen.
3. De jongen heeft zijn vriendje geslagen.
4. De rivier is vannacht bevroren.
5. Hoe laat zijn jullie vertrokken?
6. Ik heb aan de bloem geroken.
7. De ober heeft de drank in het glas gegoten.
8. Hij heeft altijd op zijn vader geleken.
9. De zon heeft de…Read More -
1. Ik heb 2 uur lang gezwommen.
2. Mijn vriend heeft hard om de grap gelachen.
3. De jongen heeft zijn vriendje geslagen.
4. De rivier is vannacht bevroren.
5. Hoe laat zijn jullie vertrokken?
6. Ik heb aan de bloem geroken.
7. De ober heeft de drank in het glas gegoten.
8. Hij heeft altijd op zijn vader geleken.
9. De zon heeft de hele dag…Read More -
1. Ik heb 2 uur lang gezwommen.
2. Mijn vriend heeft hard om de grap gelachen.
3. De jongen heeft zijn vriendje geslagen.
4. De rivier is vannacht bevroren.
5. Hoe laat zijn jullie vertrokken?
6. Ik heb aan de bloem geroken.
7. De ober heeft de drank in het glas gegoten.
8. Hij heeft altijd op zijn vader geleken.
9. De zon heeft de hele dag…Read More -
1. Ik heb 2 uur lang gezwommen.
2. Mijn vriend heeft hard om de grap gelachen.
3. De jongen heeft zijn vriendje geslagen.
4. De rivier is vannacht bevroren.
5. Hoe laat zijn jullie vertrokken?
6. Ik heb aan de bloem geroken.
7. De ober heeft de drank in het glas gegoten.
8. Hij heeft altijd op zijn vader geleken.
9. De zon heeft de hele dag…Read More -
1. Ik heb 2 uur lang gezwommen.
2. Mijn vriend heeft hard om de grap gelachen.
3. De jongen heeft zijn vriendje geslagen.
4. De rivier is vannacht bevroren.
5. Hoe laat zijn jullie vertrokken?
6. Ik heb aan de bloem geroken.
7. De ober heeft de drank in het glas gegoten.
8. Hij heeft altijd op zijn vader geleken.
9. De zon heeft de hele dag…Read More
- Load More Posts

(12. is)
14. is