Dutch Course Eindhoven A2 Homework Answers Group

  • Public Group
  • 1 month ago
  • 97

    Posts

  • 85

    Members

  • Dutchbook huiswerk:👍
    Boek. Pagina 148. Opdracht 4.
    Plaats jouw antwoorden hieronder:

    70 Comments
    • 12. Not a question
      15..is…
      20..zijn…

    • 1. Het kind heeft appelsap gedronken.
      2. Mijn vader heeft die jas heel lang gedragen.
      3. De les is om 8:30 uur begonnen.
      4. Mijn vriend heeft zijn mobiel op zijn werk gelaten.
      5. Ik heb nooit van groente gehouden.
      6. De brandweer heeft de man uit het water geholpen.
      7. Wij hebben een nieuwe auto gekocht.
      8. De kiezers hebben een nieuw parlement…Read More

    • 1. Het kind heeft appelsap gedronken.
      2. Mijn vader heeft die jas heel lang gedragen.
      3. De les is om 8:30 uur begonnen.
      4. Mijn vriend heeft zijn mobiel op zijn werk gelaten.
      5. Ik heb nooit van groente gehouden.
      6. De brandweer heeft de man uit het water geholpen.
      7. Wij hebben een nieuwe auto gekocht.
      8. De kiezers hebben een nieuw parlement…Read More

    • 1. Het kind heeft appelsap gedronken.
      2. Mijn vader heeft die jas heel lang gedragen.
      3. De les is om 8:30 uur begonnen.
      4. Mijn vriend heeft zijn mobiel op zijn werk gelaten.
      5. Ik heb nooit van groente gehouden.
      6. De brandweer heeft de man uit het water geholpen.
      7. Wij hebben een nieuwe auto gekocht.
      8. De kiezers heeft een nieuwe parlement…Read More

    • 1. Het kind heeft appelsap gedronken.
      2. Mijn vader heeft die jas heel lang gedragen.
      3. De les is om 8:30 uur begonnen.
      4. Mijn vriend heeft zijn mobiel op zijn werk gelaten.
      5. Ik heb nooit van groente gehouden.
      6. De brandweer heeft de man uit het water geholpen.
      7. Wij hebben een nieuwe auto gekocht.
      8. De kiezers hebben een nieuw parlement…Read More

    • 1. Het kind heeft appelsap gedronken.
      2. Mijn vader heeft die jas heel lang gedragen.
      3. De les is om 8:30 uur begonnen.
      4. Mijn vriend heeft zijn mobiel op zijn werk gelaten.
      5. Ik heb nooit van groente gehouden.
      6. De brandweer heeft de man uit het water geholpen.
      7. Wij hebben een nieuwe auto gekocht.
      8. De kiezers hebben een nieuw parlement…Read More

    • 1 Het kind heeft appelsap gedronken.
      2 Mijn vader heeft die jas heel gedragen.
      3 De les is om 8:30 uur begonnen.
      4 Mijn vriend heeft zijn mobiel op zijn werk gelaten.
      5 Ik heb nooit van groente gehouden.
      6 De brandweer heeft de man uit het water geholpen.
      7 Wij hebben een nieuwe auto gekocht.
      8 De kiezers hebben een nieuw parlement…Read More

    • 1. Het kind heeft appelsap gedronken.
      2. Mijn vader heeft die jas heel lang gedragen.
      3. De les is om 8:30 uur begonnen.
      4. Mijn vriend heeft zijn mobiel op zijn werk gelaten.
      5. Ik heb nooit van groente gehouden.
      6. De brandweer heeft de man uit het water geholpen.
      7. Wij hebben een nieuwe auto gekocht.
      8. De kiezers hebben een nieuw parlement…Read More

    • 1. Het kind heeft appelsap gedronken.
      2. Mijn vader heeft die jas heel lang gedragen.
      3. De les is om 8:30 uur begonnen.
      4. Mijn vriend heeft zijn mobiel op zijn werk gelaten.
      5. Ik heb nooit van groente gehouden.
      6. De brandweer heeft de man uit het water geholpen.
      7. Wij hebben een nieuwe auto gekocht.
      8. De kiezers hebben een nieuw parlement…Read More

    • 1. Het kind heeft appelsap gedronken
      2. Mijn vader heeft die jas heel lang gedragen
      3. De les is om 8:30 uur begonnen
      4. Mijn vriend heeft zijn mobiel op zijn werk gelaten
      5. Ik heb nooit van groente gehouden
      6. De brandweer heeft de man uit het water geholpen
      7. Wij hebben een nieuwe auto gekocht
      8. De kiezers hebben een nieuw parlement…Read More

    • 1. Het kind heeft appelsap gedronken.
      2. Mijn vader heeft die jas heel lang gedragen.
      3. De les is om 8:30 uur begonnen.
      4. Mijn vriend heeft zijn mobiel op zijn werk gelaten.
      5. Ik heb nooit van groente gehouden.
      6. De brandweer heeft de man uit het water geholpen.
      7. Wij hebben een nieuwe auto gekocht.
      8. De kiezers hebben een nieuw parlement…Read More

    • 1. Het kind heeft appelsap gedronken.
      2. Mijn vader heeft die jas heel lang gedragen.
      3. De les is om 8:30 uur begonnen.
      4. Mijn vriend heeft zijn mobiel op zijn werk gelaten.
      5. Ik heb nooit van groente gehouden.
      6. De brandweer heeft de man uit het water geholpen.
      7. Wij hebben een nieuwe auto gekocht.
      8. De kiezers hebben een nieuw parlement…Read More

    • 1. Het kind heeft appelsap gedronken.
      2. Mijn vader heeft die jas heel lang gedragen.
      3. De les is om 8:30 uur begonnen.
      4. Mijn vriend heeft zijn mobiel op zijn werk gelaten.
      5. Ik heb nooit van groente gehouden.
      6. De brandweer heeft de man uit het water geholpen.
      7. Wij hebben een nieuwe auto gekocht.
      8. De kiezers hebben een nieuw parlement…Read More

    • 1. Het kind heeft appelsap gedronken.
      2. Mijn vader heeft die jas heel lang gedragen.
      3. De les is om 8:30 uur begonnen.
      4. Mijn vriend heeft zijn mobiel op zijn werk gelaten.
      5. Ik heb nooit van groente gehouden.
      6. De brandweer heeft de man uit het water geholpen.
      7. Wij hebben een nieuwe auto gekocht.
      8. De kiezers hebben een nieuw parlement…Read More

    • 1. Het kind heeft appelsap gedronken
      2. Mijn vader heeft die jas heel lang gedragen
      3. De les is om 8:30 uur begonnen
      4. Mijn vriend heeft zijn mobiel op zijn werk gelaten
      5. Ik heb nooit van groente gehouden
      6. De brandweer heeft de man uit het water geholpen
      7. Wij hebben een nieuwe auto gekocht
      8. De kiezers hebben een nieuw parlement…Read More

    • 1. Het kind heeft appelsap gedronken.
      2. Mijn vader heeft die jas heel lang gedragen.
      3. De les is om 8:30 uur begonnen.
      4. Mijn vriend heeft zijn mobiel op zijn werk gelaten.
      5. Ik heb nooit van groente gehouden.
      6. De brandweer heeft de man uit het water geholpen.
      7. Wij hebben een nieuwe auto gekocht.
      8. De kiezers hebben een nieuw parlement…Read More

    • 1. Het kind heeft appelsap gedronken.

      2. Mijn vader heeft die jas heel lang gedragen.

      3. De les is om 8:30 uur begonnen.

      4. Mijn vriend heeft zijn mobiel op zijn werk gelaten.

      5. Ik heb nooit van groente gehouden.

      6. De brandweer heeft de man uit het water geholpen.

      7. Wij hebben een nieuwe auto gekocht.

      8. De kiezers hebben een nieuw par…Read More

    • 1. Het kind heeft appelsap gedronken.
      2. Mijn vader heeft die jas heel lang gedragen.
      3. De les is om 8:30 uur begonnen.
      4. Mijn vriend heeft zijn mobiel op zijn werk gelaten.
      5. Ik heb nooit van groente gehouden.
      6. De brandweer heeft de man uit het water geholpen.
      7. Wij hebben een nieuwe auto gekocht.
      8. De kiezers hebben een nieuw parlement…Read More

    • 1. Het kind heeft appelsap gedronken.
      2. Mijn vader heeft die jas heel lang gedragen.
      3. De les is om 8:30 uur begonnen.
      4. Mijn vriend heeft zijn mobiel op zijn werk gelaten.
      5. Ik heb nooit van groente gehouden.
      6. De brandweer heeft de man uit het water geholpen.
      7. Wij hebben een nieuwe auto gekocht.
      8. De kiezers hebben een nieuw parlement…Read More

    • 1. Het kind heeft appelsap gedronken.
      2. Mijn vader heeft die jas heel lang gedragen.
      3. De les is om 8:30 uur begonnen.
      4. Mijn vriend heeft zijn mobiel op zijn werk gelaten.
      5. Ik heb nooit van groente gehouden.
      6. De brandweer heeft de man uit het water geholpen.
      7. Wij hebben een nieuwe auto gekocht.
      8. De kiezers hebben een nieuw parlement…Read More

    • 1. Het kind heeft appelsap gedronken.
      2. Mijn vader heeft die jas heel lang gedragen.
      3. De les is om 8:30 uur begonnen.
      4. Mijn vriend heeft zijn mobiel op zijn werk gelaten.
      5. Ik heb nooit van groente gehouden.
      6. De brandweer heeft de man uit het water geholpen.
      7. Wij hebben een nieuwe auto gekocht.
      8. De kiezers hebben een nieuw parlement…Read More

    • 1. Het kind heeft appelsap gedronken.
      2. Mijn vader heeft die jas heel lang gedragen.
      3. De les is om 8:30 uur begonnen.
      4. Mijn vriend heeft zijn mobiel op zijn werk gelaten.
      5. Ik heb nooit van groente gehouden.
      6. De brandweer heeft de man uit het water geholpen.
      7. Wij hebben een nieuwe auto gekocht.
      8. De kiezers hebben een nieuw parlement…Read More

    • 1. Het kind heeft appelsap gedronken.
      2. Mijn vader heeft die jas heel lang gedragen.
      3. De les is om 8:30 uur begonnen.
      4. Mijn vriend heeft zijn mobiel op zijn werk gelaten.
      5. Ik heb nooit van groente gehouden.
      6. De brandweer heeft de man uit het water geholpen.
      7. Wij hebben een nieuwe auto gekocht.
      8. De kiezers hebben een nieuw parlement…Read More

    • 1. Het kind heeft appelsap gedronken.
      2. Mijn vader heeft die jas heel lang gedragen.
      3. De les is om 8.30 uur begonnen.
      4. Mijn vriend heeft zijn mobiel op zijn werk gelaten.
      5. Ik heb nooit van groente gehouden.
      6. De brandweer heeft de man uit het water geholpen.
      7. Wij hebben een nieuwe auto gekocht.
      8. De kiezers hebben een nieuw parlement…Read More

    • 1. Het kind heeft appelsap gedronken.
      2. Mijn vader heeft die jas heel lang gedragen.
      3. De les is om 8:30 uur begonnen.
      4. Mijn vriend heeft zijn mobiel op zijn werk gelaten.
      5. Ik heb nooit van groente gehouden.
      6. De brandweer heeft de man uit het water geholpen.
      7. Wij hebben een nieuwe auto gekocht.
      8. De kiezers hebben een nieuw parlement…Read More

    • 1. Het kind heeft appelsap gedronken.
      2. Mijn vader heeft die jas heel lang gedragen.
      3. De les is om 8:30 uur begonnen.
      4. Mijn vriend heeft zijn mobiel op zijn werk gelaten.
      5. lk heb nooit van groente gehouden.
      6. De brandweer heeft de man uit het water geholpen.
      7. Wij hebben een nieuwe auto gekocht.
      8. De kiezers hebben een nieuw parlement…Read More

    • 1. Het kind heeft appelsap gedronken.
      2. Mijn vader heeft die jas heel lang gedragen.
      3. De les is om 8:30 uur begonnen.
      4. Mijn vriend heeft zijn mobiel op zijn werk gelaten.
      5. Ik heb nooit van groente gehouden.
      6. De brandweer heeft de man uit het water geholpen.
      7. Wij hebben een nieuwe auto gekocht.
      8. De kiezers hebben een nieuw parlement…Read More

    • 1. Het kind heeft appelsap gedronken.
      2. Mijn vader heeft die jas heel lang gedragen.
      3. De les is om 8:30 uur begonnen.
      4. Mijn vriend heeft zijn mobiel op zijn werk gelaten.
      5. Ik heb nooit van groente gehouden.
      6. De brandweer heeft de man uit het water geholpen.
      7. Wij hebben een nieuwe auto gekocht.
      8. De kiezers hebben een nieuw parlement…Read More

    • 1. Het kind heeft appelsap gedronken.
      2. Mijn vader heeft die jas heel lang gedragen.
      3. De les is om 8:30 uur begonnen.
      4. Mijn vriend heeft zijn mobiel op zijn werk gelaten.
      5. Ik heb nooit van groente gehouden.
      6. De brandweer heeft de man uit het water geholpen.
      7. Wij hebben een nieuwe auto gekocht.
      8. De kiezers hebben een nieuw parlement…Read More

    • 1. Het kind heeft appelsap gedronken.
      2. Mijn vader heeft die jas heel lang gedragen.
      3. De les is om 8:30 uur begonnen.
      4. Mijn vriend heeft zijn mobiel op zijn werk gelaten.
      5. Ik heb nooit van groente gehouden.
      6. De brandweer heeft de man uit het water geholpen.
      7. Wij hebben een nieuwe auto gekocht.
      8. De kiezers hebben een nieuw parlement…Read More

    • 1. Het kind heeft appelsap gedronken.
      2. Mijn vader heeft de jas heel lang gedragen.
      3. De les is om 8:30uur begonnen.
      4. Mijn vriend heeft zijn mobiel op zijn werk gelaten.
      5. Ik heb nooit van groente gehouden.
      6. De brandweer heeft de man uit het water geholpen.
      7. Wij hebben een nieuwe auto gekocht.
      8. De kiezers hebben een nieuw parlement…Read More

    • 1. Het kind heeft appelsap gedronken.
      2. Mijn vader heeft die jas heel lang gedragen.
      3. De les is om 8:30 uur begonnen.
      4. Mijn vriend heeft zijn mobiel op zijn werk gelaten.
      5. Ik heb nooit van groente gehouden.
      6. De brandweer heeft de man uit het water geholpen.
      7. Wij hebben een nieuwe auto gekocht.
      8. De kiezers hebben een nieuw parlement…Read More

    • 1. Het kind heeft appelsap gedronken.
      2. Mijn vader heeft die jas heel lang gedragen.
      3. De les is om 8:30 uur begonnen.
      4. Mijn vriend heeft zijn mobiel op zijn werk gelaten.
      5. Ik heb nooit van groente gehouden.
      6. De brandweer heeft de man uit het water geholpen.
      7. Wij hebben een nieuwe auto gekocht.
      8. De kiezers hebben een nieuw parlement…Read More

    • 1 – Het kind heeft appelsap gedronken.
      2 – Mijn vader heeft die jas heel lang gedragen.
      3 – De les is om 8:30 uur begonnen.
      4 – Mijn vriend heeft zijn mobiel op zijn werk gelaten.
      5 – Ik heb nooit van groente gehouden.
      6 – De brandweer heeft de man uit het water geholpen.
      7 – Wij hebben een nieuwe auto gekocht.
      8 – De kiezers hebben een nieu…Read More

    • 1. Het kind heeft appelsap gedronken.
      2. Mijn vader heeft die jas heel lang gedragen.
      3. De les is om 8:30 uur begonnen.
      4. Mijn vriend heeft zijn mobiel op zijn werk gelaten.
      5. Ik heb nooit van groente gehouden.
      6. De brandweer heeft de man uit het water geholpen.
      7. Wij hebben een nieuwe auto gekocht.
      8. De kiezers hebben een nieuw parlement…Read More

    • 1. Het kind heeft appelsap gedronken.
      2. Mijn vader heeft die jas heel lang gedragen.
      3. De les is om 8:30 uur begonnen.
      4. Mijn vriend heeft zijn mobiel op zijn werk gelaten.
      5. Ik heb nooit van groente gehouden.
      6. De brandweer heeft de man uit het water geholpen.
      7. Wij hebben een nieuwe auto gekocht.
      8. De kiezers hebben een nieuw parlement…Read More

    • 1. Het kind heeft appelsap gedronken.
      2. Mijn vader heeft de jas heel lang gedragen.
      3. De les is om 8:30 uur begonnen.
      4. Mijn vriend heeft zijn mobiel op zijn werk gelaten.
      5. Ik heb nooit van groente gehouden.
      6. De brandweer heeft de man uit het water geholpen.
      7. Wij hebben een nieuwe auto gekocht.
      8. De kiezers hebben een nieuw parlement…Read More

    • 1. Het kind heeft appelsap gedronken.
      2. Mijn vader heeft die jas heel lang gedragen.
      3. De les is om 8:30 uur begonnen.
      4. Mijn vriend heeft zijn mobiel op zijn werk gelaten.
      5. Ik heb nooit van groente gehouden.
      6. De brandweer heeft de man uit het water geholpen.
      7. Wij hebben een nieuwe auto gekocht.
      8. De kiezers hebben een nieuw parlement…Read More

    • 1. Het kind heeft appelsap gedronken.
      2. Mijn vader heeft die jas heel lang gedragen.
      3. De les is om 8:30 uur begonnen.
      4. Mijn vriend heeft zijn mobiel op zijn werk gelaten.
      5. Ik heb nooit van groente gehouden.
      6. De brandweer heeft de man uit het water geholpen.
      7. Wij hebben een nieuwe auto gekocht.
      8. De kiezers hebben een nieuw parlement…Read More

    • 1. Het kind heeft appelsap gedronken.
      2. Mijn vader heeft de jas heel lang gedragen.
      3. De les is om 8:30 uur begonnen.
      4. Mijn vriend heeft zijn mobiel op zijn werk gelaten.
      5. Ik heb nooit van groente gehouden.
      6. De brandweer heeft de man uit het water geholpen.
      7. Wij hebben een nieuwe auto gekocht.
      8. De kiezers hebben een nieuw parlement…Read More

    • 1. Het kind heeft appelsap gedronken.
      2. Mijn vader heeft die jas heel lang gedragen.
      3. De les is om 8:30 uur begonnen.
      4. Mijn vriend heeft zijn mobiel op zijn werk gelaten.
      5. Ik heb nooit van groente gehouden.
      6. De brandweer heeft de man uit het water geholpen.
      7. Wij hebben een nieuwe auto gekocht.
      8. De kiezers hebben een nieuw parlement…Read More

    • 1. Het kind heeft appelsap gedronken.
      2. Mijn vader heeft die jas heel lang gedragen.
      3. De les is om 8:30 uur begonnen.
      4. Mijn vriend heeft zijn mobiel op zijn werk gelaten.
      5. Ik heb nooit groente gehouden.
      6. De brandweer heeft de man uit het water geholpen.
      7. Wij hebben een nieuwe auto gekocht.
      8. De kiezers hebben een nieuw parlement…Read More

    • 1. Het kind heeft appelsap gedronken.
      2. Mijn vader heeft die jas heel lang gedragen.
      3. De les is om 8:30 uur begonnen.
      4. Mijn vriend heeft zijn mobiel op zijn werk gelaten.
      5. Ik heb nooit groente gehouden.
      6. De brandweer heeft de man uit het water geholpen.
      7. Wij hebben een nieuwe auto gekocht.
      8. De kiezers hebben een nieuw parlement…Read More

    • 1. Het kind heeft appelsap gedronken.
      2. Mijn vader heeft die jas heel lang gedragen.
      3. De les is om 8:30 uur begonnen.
      4. Mijn vriend heeft zijn mobiel op zijn werk gelaten.
      5. Ik heb nooit van groente gehouden.
      6. De brandweer heeft de man uit het water geholpen.
      7. Wij hebben een nieuwe auto gekocht.
      8. De kiezers hebben een nieuw parlement…Read More

    • 1. Het kind heeft appelsap gedronken.
      2. Mijn vader heeft die jas heel lang gedragen.
      3. De les is om 8:30 uur begonnen.
      4. Mijn vriend heeft zijn mobiel op zijn werk gelaten.
      5. Ik heb nooit groente gehouden.
      6. De brandweer heeft de man uit het water geholpen.
      7. Wij hebben een nieuwe auto gekocht.
      8. De kiezers hebben een nieuw parlement…Read More

    • 1.Het meisje heeft sinaasappelsap gedronken.
      2.Mijn broer heeft zijn jas de hele dag gedragen.
      3.De film is om 20:00 uur begonnen.
      4.Ik heb mijn tas op school laten liggen.
      5.Wij hebben nooit van vis gehouden.
      6.De politie heeft de man uit het gebouw gered.
      7.Mijn ouders hebben een nieuw huis gekocht.
      8.De burgers hebben een nieuwe regering…Read More

    • 1. Het kind heeft appelsap gedronken.
      2. Mijn vader heeft de jas heel lang gedragen.
      3. De les is om 8:30 uur begonnen.
      4. Mijn vriend heeft zijn mobiel op zijn werk gelaten.
      5. Ik heb nooit van groente gehouden.
      6. De brandweer heeft de man uit het water geholpen.
      7. Wij hebben een nieuwe auto gekocht.
      8. De kiezers hebben een nieuw parlement…Read More

    • 1. Het kind heeft appelsap gedronken.
      2. Mijn vader heeft de jas heel lang gedragen.
      3. De les is om 8:30 uur begonnen.
      4. Mijn vriend heeft zijn mobiel op zijn werk gelaten.
      5. Ik heb nooit van groente gehouden.
      6. De brandweer heeft de man uit het water geholpen.
      7. Wij hebben een nieuwe auto gekocht.
      8. De kiezers hebben een nieuw parlement…Read More

    • 1. Het kind heeft appelsap gedronken.
      2. Mijn vader heeft de jas heel lang gedragen.
      3. De les is om 8:30 uur begonnen.
      4. Mijn vriend heeft zijn mobiel op zijn werk gelaten.
      5. Ik heb nooit van groente gehouden.
      6. De brandweer heeft de man uit het water geholpen.
      7. Wij hebben een nieuwe auto gekocht.
      8. De kiezers hebben een nieuw parlement…Read More

    • 1. Het kind heeft appelsap gedronken.
      2. Mijn vader heeft de jas heel lang gedragen.
      3. De les is om 8:30 uur begonnen.
      4. Mijn vriend heeft zijn mobiel op zijn werk gelaten.
      5. Ik heb nooit van groente gehouden.
      6. De brandweer heeft de man uit het water geholpen.
      7. Wij hebben een nieuwe auto gekocht.
      8. De kiezers hebben een nieuw parlement…Read More

    • 1. Het kind heeft appelsap gedronken.
      2. Mijn vader heeft de jas heel lang gedragen.
      3. De les is om 8:30 uur begonnen.
      4. Mijn vriend heeft zijn mobiel op zijn werk gelaten.
      5. Ik heb nooit van groente gehouden.
      6. De brandweer heeft de man uit het water geholpen.
      7. Wij hebben een nieuwe auto gekocht.
      8. De kiezers hebben een nieuw parlement…Read More

    • 1. Het kind heeft appelsap gedronken.
      2. Mijn vader heeft de jas heel lang gedragen.
      3. De les is om 8:30 uur begonnen.
      4. Mijn vriend heeft zijn mobiel op zijn werk gelaten.
      5. Ik heb nooit van groente gehouden.
      6. De brandweer heeft de man uit het water geholpen.
      7. Wij hebben een nieuwe auto gekocht.
      8. De kiezers hebben een nieuw parlement…Read More

    • 1. Het kind heeft appelsap gedronken.
      2. Mijn vader heeft de jas heel lang gedragen.
      3. De les is om 8:30 uur begonnen.
      4. Mijn vriend heeft zijn mobiel op zijn werk gelaten.
      5. Ik heb nooit van groente gehouden.
      6. De brandweer heeft de man uit het water geholpen.
      7. Wij hebben een nieuwe auto gekocht.
      8. De kiezers hebben een nieuw parlement…Read More

    • 1. Het kind heeft appelsap gedronken.
      2. Mijn vader heeft de jas heel lang gedragen.
      3. De les is om 8:30 uur begonnen.
      4. Mijn vriend heeft zijn mobiel op zijn werk gelaten.
      5. Ik heb nooit van groente gehouden.
      6. De brandweer heeft de man uit het water geholpen.
      7. Wij hebben een nieuwe auto gekocht.
      8. De kiezers hebben een nieuw parlement…Read More

    • 1. Het kind heeft appelsap gedronken.
      2. Mijn vader heeft die jas heel lang gedragen.
      3. De les is om 8:30 uur begonnen.
      4. Mijn vriend heeft zijn mobiel op zijn werk gelaten.
      5. Ik heb nooit van groente gehouden.
      6. De brandweer heeft de man uit het water geholpen.
      7. Wij hebben een nieuwe auto gekocht.
      8. De kiezers hebben een nieuw parlement…Read More

    • 1. Het kind heeft appelsap gedronken.
      2. Mijn vader heeft de jas heel lang gedragen.
      3. De les is om 8:30 uur begonnen.
      4. Mijn vriend heeft zijn mobiel op zijn werk gelaten.
      5. Ik heb nooit van groente gehouden.
      6. De brandweer heeft de man uit het water geholpen.
      7. Wij hebben een nieuwe auto gekocht.
      8. De kiezers hebben een nieuw parlement…Read More

    • 1. Het kind heeft appelsap gedronken.
      2. Mijn vader heeft die jas heel lang gedragen.
      3. De les is om 8:30 uur begonnen.
      4. Mijn vriend heeft zijn mobiel op zijn werk gelaten.
      5. Ik heb nooit van groente gehouden.
      6. De brandweer heeft de man uit het water geholpen.
      7. Wij hebben een nieuwe auto gekocht.
      8. De kiezers hebben een nieuw parlement…Read More

    • 1. Het kind heeft appelsap gedronken.
      2. Mijn vader heeft die jas heel lang gedragen.
      3. De les is om 8:30 uur begonnen.
      4. Mijn vriend heeft zijn mobiel op zijn werk gelaten.
      5. Ik heb nooit van groente gehouden.
      6. De brandweer heeft de man uit het water geholpen.
      7. Wij hebben een nieuwe auto gekocht.
      8. De kiezers hebben een…Read More

      • i missed the last 5 and i cant edit anymore;
        16. Mijn ouders hebben met de dokter gesproken.
        17. Ik heb de weg naar het postkantoor gevraagd.
        18. Mijn zus heeft haar sleutel weer vergeten.
        19. De ouders hebben lang naar de kinderen gezocht.
        20. De sleutels zijn van het balkon gevallen.

    • #1 — Het kind [heeft] appelsap [gedronken].
      #2 — Mijn vader [heeft] die jas heel lang [gedragen].
      #3 — De les [is] om 8:30 uur [begonnen].
      #4 — Mijn vriend [heeft] zijn mobiel op zijn werk [gelaten].
      #5 — Ik [heb] nooit van groete [gehouden].
      ‎
      #6 — De brandweer [heeft] de man uit het water [geholpen].
      #7 — Wij [hebben] een nieuwe auto [ge…Read More

    • 1.Het kind heeft appelsap gedronken.
      2. Mijn vader heeft die jas heel lang gedragen.
      3. De les is om 8:30 uur begonnen.
      4. Mijn vriend heeft zijn mobiel op zijn werk gelaten.
      5. Ik heb nooit van groente gehouden.
      6. De brandweer heeft de man uit het water geholpen.
      7. Wij hebben een nieuwe auto gekocht.
      8. De kiezers hebben een nieuw parlement…Read More

    • 1.Het kind heeft appelsap gedronken.
      2. Mijn vader heeft die jas heel lang gedragen.
      3. De les is om 8:30 uur begonnen.
      4. Mijn vriend heeft zijn mobiel op zijn werk gelaten.
      5. Ik heb nooit van groente gehouden.
      6. De brandweer heeft de man uit het water geholpen.
      7. Wij hebben een nieuwe auto gekocht.
      8. De kiezers hebben een nieuw parlement…Read More

    • 1- Het kind heeft appelsap gedronken.
      2- Mijn vader heeft die jas heel lang gedragen.
      3- De les is om 8:30 uur begonnen.
      4- Mijn vriend heeft zijn mobiel op zijn werk gelaten.
      5- Ik heb nooit van groente gehouden.
      6- De brandweer heeft de man uit het water geholpen.
      7- Wij hebben een nieuwe auto gekocht.
      8- De kiezers hebben een nieuw parlement…Read More

    • 1. Het kind heeft appelsap gedronken.
      2. Mijn vader heeft die jas heel lang gedragen.
      3. De les is om 8:30 uur begonnen.
      4. Mijn vriend heeft zijn mobiel op zijn werk gelaten.
      5. Ik heb nooit van groente gehouden.
      6. De brandweer heeft de man uit het water geholpen.
      7. Wij hebben een nieuwe auto gekocht.
      8. De kiezers hebben een nieuw parlement…Read More

    • 1. Het kind heeft appelsap gedronken.
      2. Mijn vader heeft die jas heel lang gedragen.
      3. De les is om 8:30 uur begonnen.
      4. Mijn vriend heeft zijn mobiel op zijn werk laten.
      5. Ik heb nooit van groente gehouden.
      6. De brandweer heeft de man uit het water geholpen.
      7. Wij hebben een nieuwe auto gekocht.
      8. De kiezers hebben een nieuw…Read More

    • 1. Het kind heeft appelsap gedronken.
      2. Mijn vader heeft de jas heel lang gedragen.
      3. De les is om 8:30 uur begonnen.
      4. Mijn vriend heeft zijn mobiel op zijn werk gelaten.
      5. Ik heb nooit van groente gehouden.
      6. De brandweer heeft de man uit het water geholpen.
      7. Wij hebben een nieuwe auto gekocht.
      8. De kiezers hebben een nieuw parlement…Read More

    • 1. Het kind heeft appelsap gedronken.
      2. Mijn vader heeft die jas heel lang gedragen.
      3. De les is om 8:30 uur begonnen.
      4. Mijn vriend heeft zijn mobiel op zijn werk gelaten.
      5. Ik heb nooit van groente gehouden.
      6. De brandweer heeft de man uit het water geholpen.
      7. Wij hebben een nieuwe auto gekocht.
      8. De kiezers hebben een nieuw parlement…Read More

    • 1. Het kind heeft appelsap gedronken.
      2. Mijn vader heeft die jas heel lang gedragen.
      3. De les is om 8:30 uur begonnen.
      4. Mijn vriend heeft zijn mobiel op zijn werk gelaten.
      5. Ik heb nooit van groente gehouden.
      6. De brandweer heeft de man uit het water geholpen.
      7. Wij hebben een nieuwe auto gekocht.
      8. De kiezers hebben een nieuw parlement…Read More

    • 1. Het kind heeft appelsap gedronken.
      2. Mijn vader heeft die jas heel lang gedragen.
      3. De les is om 8:30 uur begonnen.
      4. Mijn vriend heeft zijn mobiel op zijn werk gelaten.
      5. Ik heb nooit van groente gehouden.
      6. De brandweer heeft de man uit het water geholpen.
      7. Wij hebben een nieuwe auto gekocht.
      8. De kiezers hebben een nieuw parlement…Read More

  • Load More Posts