-
Dutchbook huiswerk:👍
Boek. Pagina 120
Opdracht 3
Plaats jouw antwoorden hieronder:-
1.. met hem, op de markt
2. rewrite
3..met wijn in de hand op het strand wandelen.
4. In het weekend kan ik met hem in het park de hond uitlaten.
5..met een drankje praten
6. in de bioscoopF
1. Vandaag ga ik tijdens de lunch met hem over de vakantie praten.
2. minus “een”
3. Zondag moet je in het museum met mij over kunst praten.
5…in dit land…Read More -
1. Vanmiddag wil …..in het park een boek lezen.
2..moet jij mij naar het station brengen.
3..kun jij….
4. Deze ochtend ? Morgenochtend? ‘s Ochtends (in general)?
5. ‘s Avonds kan hij elke dag met ons thuis…
6..wil ik met hen in Utrecht kleding kopen.
7..moet ik thuis met haar….bakken.
8. Vanavond …in de bioscoop ….
9. ‘s Ochtends (in…Read More -
1. rewrite (“werk” is one action, “geven” is another)
2..op de luchthaven een ….gekocht.
3..een identiteitskaart aanvragen/ophalen.
4. ‘s Middags
5..met een trui in het park mijn hond uitlaten.F
1. Overmorgen zal ik…stadion met u voetballen
2. ‘s Ochtends wil ik in het winkelcentrum met haar kleding kopen.
3. zonder komma
4. Wil jij na 10…Read More -
1..op kantoor over de presentatie…
2..met hun zus thuisblijven.
3..schoonvader…..bouwen.
4. Elk jaar …op het werk …aan verschillende projecten werken.
6..op kantoor
7..wil ik met mijn vrouw naar de bioscoop gaan.
8. “In” niet nodig
9. Dit jaar…
10……in een Koreaans restaurant iets eten.
12. Vanavond.. -
1. de radio
4..aan hem..
5..moet hij met hen…
6..dat zij in de scène op geliefden lijken.
9…Voor de avond moet hij …een tafel in het restaurant reserveren.
10…over de reis dromen (a real thing)
11. Na het middageten wil ik met hem naar jouw huis…
12…wil zij haar voor de uitwisseling bij de winkel ontmoeten. -
1. Morgen wil ik met jou in de bioscoop een film kijken.
2. Vanavond zal ik met jou in de keuken Indiase eten koken.
3. Morgen wil ik met jou in het balkon koffie drinken.
4. Vanavond moet jij op mij in de bushalte wachten.
5. In het weekend zal ik met hem naar Brussels gaan.
6. Morgen wil ik thuis met jou over het film praten.
7. Vanmiddag zal ik…Read More -
1. Vanavond wil ik met jou op de baan een padel game spelen.
2. Om 10 uur kan zij bij mijn huis met mij een taart bakken.
3. ‘s Ochtends kun jij in de bibliotheek met mij het huiswerk maken.
4. Op dinsdag mogen jullie met ons in het stadion de voetbalwedstrijd bekijken.
5. ‘s Avonds zullen wij in de bioscoop met jou de film kijken.
6. Morgen zal…Read More -
Recept E
1. Vanavond wil ik met jou naar de bioscoop gaan.
2. Op maandag kan ik met haar voor het project werken.
3. In april mag zij met hem naar Lisbon op vakantie gaan.
4. Morgen kan zij met haar aan mij mijn auto brengen.
5. Tussen maandag en woensdag kunnen zij met jullie aan mijn appartement mijn boeken leveren.Recept F
6. Morgen kan ik in…Read More -
Recept E:
1. Morgen wil ik met hem in een museum kunst kijken.
2. In de ochtend zullen wij met jou in het café een jus d’orange drinken.
3. Vandaag moet hij me op kantoor een document geven.
4. In juni gaan ze met hen op het strand bal spelen.
5. Dit weekend moet ik met haar thuis huiswerk maken.
Recept F:
1. Overmorgen zal ik in het park met he…Read More -
Recept E
1. Vandaag wil jij op kantoor met mij ons huiswerk doen.
2. Tijdens de les willen ons met hem over het film praten.
3. Morgen wil ik met Anna bij de huisarts gaan.
4. Deze maand wil ik met jou naar Spanje vliegen.
5. Vanavond wil Anna met mij over de activiteit praten.
Recept F
1. Om 8 uur zullen wij naar het station ons kaartjes…Read More -
1. Morgen wil jij met mij bij de winkel een jurk retourneren.
2. In ten minuten moet u met hem bij de station de bus halen.
3. In juni wil ik met haar naar Italië op vakantie nemen.
4. Vanavond moet ik met jullie naar restaurant na het werk gaan.
5. Op zaterdag moet ik met hem thuis schoonmaken.
6. Vanavond willen jullie met ons thuis tv…Read More -
Recept E
1. In agustus wil ik met jullie thuis een feestje geven.
2. Morgen ga ik met jou in de buurt een kopje koffie drinken.
3. Vanavond ga ik met haar in de sportschool een cursus volgen.
4. In het weekend wil ik naar Utrecht een museum bezoeken.
5. Op mandaag ga ik op het kantoor een sollicitatiegesprek voeren.
6. Morgen wil ik van de…Read More-
4..in Utrecht…
5..maandag
(6. bij de bibliotheek)
8..mijn kinderen van school halen.
9..met jullie mijn badpak naar Turkije brengen.
10. in het ….park met haar picknicken.
(11. halen)
-
-
E
1. Zondag zal ik met haar thuis over de film praten.
2. Vanavond mag zij daar met mij over ons plan praten.
3. Gisteren gaat hij met mij in het centrum een TV kopen.
4. Maandag ga ik met hem op kantoor een documentatie schrijven.
5. Morgen ga ik met jullie naar de stad een fiets kopen.
F
6. Volgende week kan zij in de bibliotheek met mij een…Read More -
1. Vanavond wil ik met jou thuis een film kijken.
2. Morgen wil ik met jullie in de natuur wandelen.
3. Vanochtend wil jij met mij op kantoor werken.
4. Overmorgen wil hij met ons in een café iets drinken.
5. Om 5 uur willen jullie met mij thuis ergens over praten.
6. Morgen wil ik met jou op kantoor een boek lezen.
7. Vanavond wil ik thuis…Read More
-
Recept E:
1. Op dinsdag wil ik met jou in de basisschool samen werken
2. Morgen ga ik met haar bij Decathalon iets bestellen
3. Maandag wil Theo met zijn zoon thuis naar de huisarts bellen
4. Vrijdagavond ga ik met mijn vrienden in de club dansen.
5. Morgen zal ik met hem over het verhuizen naar Parijs praten.
Recept F:
1. Morgen zal ik op de…Read More -
Recept E
1. Morgen moet ik met jullie in de klas over het huiswerk bespeken.
2. Vanavond kunnen wij met haar bij het restaurant over de spreekopdracht bespreken.
3. Volgend weekend wil zij met hem in het museum oude dingen kijken.
4. Morgen gaan jullie met ons in het park badminton spelen.
5. Op woensdag zal ik met haar bij het IKEA-meubel…Read More -
1. Morgen moet hij in de klas met zijn vriend het project presenteren.
2. Straks kan ik in de bibliotheek met jou het boek lezen.
3. Vandaag zou ik thuis met mijn zus de kamer opruimen.
4. Zondag hoef jij in de tuin met je vader het gras niet te maaien.
5. Morgen mogen we in de stad met de buren de markt bezoeken.
6. Morgenochtend moet ik thuis…Read More -
RECEPT E
1. Het weekend wil ik met jullie thuis naar TV kijken.
2. Morgen zal ik voor jou op school voor jouw cursus betalen.
3. Vandaag kan ik met jou thuis naar de radio luisteren.
4. Nu moet ik van haar op park van haar fiets lenen.
5. Vanavond wil ik met hem thuis met bordspel spelen.
RECEPT F
1. Het weekend wil ik thuis met jullie naar TV…Read More -
Recept E
1. Morgen zal ik met jou bij mama thuis toetjes eten.
2. Op zondag moet ik met mama naar de Plus vlees kopen.
3. Zaterdagmiddag kan ik met jou naar de markt een lunch eten.
4. Volgende week moet ik met mama naar Schiphol mijn vader ophalen.
5. Op maandag moeten wij met Maurice in Eindhoven Nederlands spreken.Recept F
1. Morgen moet ik…Read More -
– Recept E –
1. Morgen moet ik voor haar op kantoor de lunch ophalen.
2. Op vrijdag wil ze met mij in het park yoga doen.
3. Om twee uur bel ik hem thuis om over zijn dochter te praten.
4. Vanavond moet ik met hem op kantoor de tekening afmaken.
5. Vanochtend zie ik jullie in de winkel contant betalen.
– Recept F –
1. Morgen moet je hier ons met…Read More -
Recept E
1. Morgen kan ik met jullie op school huiswerk maken.
2. Vanavond wil je met mij in het restaurant pasta eten.
3. In het weekend zal hij met haar de auto rijden.
4. Vanmiddag zullen we met jullie in het hotel koffie drinken.
5. Straks kunnen jullie met ons in de bioscoop een film kijken.
6. Volgende week willen ze met mij in Roermond…Read More -
1. Morgen moet ik met hem thuis kranten lezen.
2. Vandaag wil jij met mij op kantoor afspreken.
3. Op 1 september zullen jullie met mij in jullie garage gamen.
4. Om 8 uur moet ik met jou in het hotel wakker worden.
5. Volgende week moeten wij met haar op haar kantoor schoonmaken.
—
6. Vanavond zal ik op de sportschool met jou met gewichten t…Read More -
Recept E.
1. Morgen wil ik met mijn man in het museum naar de lezing luisteren.
2. Nu kunnen wij met onze dieren in het dorp naar jou gaan.
3. Volgend jaar zullen jullie met jullie kinderen in de nieuwe tuin van de zomer genieten.
4. ‘S avonds gaan zij met hun buren op straat met de planten helpen.
5. Op maandag wil hij met zijn vriend in de m…Read More -
Recept E:
1. Vandaag zal ik met jou op de markt boodschappen doen.
2. Op dinsdag moet ik bij mijn huisarts een afspraak maken.
3. Morgen zal ik met jullie op de sportschool sports doen.
4. In het weekend zal ik met haar bij de bibliotheek boeken lezen.
5. ‘s Ochtends kunnen jullie met jullie ouders hier tickets kopen.
Recept F:
1. Deze week wil i…Read More -
Recept E:
1. Morgen moet ik met haar op het kantoor naar het ziekenhuis bellen.
2. Vanavond wil ik met hem thuis bij mijn ouders blijven.
3. Vandaag wil ik met jullie in het bos iets aan mijn vader geven.
4. ‘s Ochtends wil ik met haar thuis op een positieve reactie van mijn katten hopen.
5. Vanmiddag zal ik met hen bij het huis met mijn v…Read More -
Recept E.
1. Morgen werk ik met hem op de kantoor.
2. Vanavond moet ik met hem thuis ons huiswerk doen.
3. Morgen denk ik met hem op school de boeken nemen.
4. Vandaag zullen we met jullie ons taken maken.
5. Om 11 uur ziet hij met mij op sportschool nieuwe sportschoenen nemen.Recept F.
1. Morgen zal ik op school met jullie ons Engels…Read More
-
Recept E:
1. Morgen ga ik met jou in de supermarkt boodschappen doen.
2. Over een paar dagen zal ik met jullie hier een inspectie doen.
3. Volgende maand moeten we met jullie bij de autodealer onze nieuwe auto ophalen.
4. Overmorgen wil ik met jou bij jou thuis slapen.
5. Om 3 uur kom ik met haar bij jullie een bezoek brengen.
Recept F:
1. Morgen…Read More -
-
RECEPT E
1. Vandaag zal ik met jou thuis over onze favoriete tv-series praten.
2. Morgen zal hij voor haar bij Mango een jurk bestellen.
3. Vanavond wil ik voor ons in het restaurant de rekening betalen.
4. Nu moet je aan jouw ouders thuis tijd besteden.
5. Vandaag zal ik voor mijn huisgenoot in de koelkast dit nagerecht bewaren.
RECEPT F
1.…Read More -
-
Recept E
1. Morgen ga ik met hen bij de school een voetbalwedstrijd spelen.
2. In december zullen wij met haar op het kantoor een kerstboom opzetten.
3. Vanavond moet zij met ons bij Dynamo een Nederlandse les volgen.
4. Overmorgen zal ik met hen in de vergaderzaal naar de nieuwe ontwikkelingen bekijken.
5. Morgenochtend kan ik met jou naar de…Read More-
4. ..naar ….. kijken.
5..bij de apotheek het medicijn….
6…naar de tandarts gaan om mijn tanden te laten trekken.
7. op (in) het portaal
9…OM met haar nieuwe kleding TE kopen.
10. Volgende week gaat zij naar het vliegveld OM het hem haar broer op TE halen.
11…OM een gouden munt op TE halen.
12. gaat (!) … OM een verse vis TE kopen.
-
-
1. Vanavond ga ik met mijn oma in de supermarkt boodschappen doen.
2. Morgen moeten jullie met de kinderen thuis een film naar TV kijken.
3. Zaterdag wil hij met haar Nederlands oefenen.
4. In het weekend moet ik met jou aan de winkel betalen.
5. Volgende maand moeten wij met onze honden naar het dorp gaan.
6. Morgen zullen jullie op kantoor met…Read More -
Recept E:
1. Volgende maand zal ik met jou bij de gemeente vaccineren.
2. Morgenavond wil zij met jou in de bioscoop over het inburgeringsexamen praten.
3. Morgen zal ik met jou in chat over de medische woordenschat praten.
4. Binnenkort zal jij met mij op school jouw biotechnische woordenschat zien.
5. Om 11 uur zal zij met haar arts op kantoor…Read More -
1. Morgen kan ik met mijn collega op kantoor op extra hulp rekenen.
2. Vanavond wil zij met haar zus thuis het nieuws aan hun ouders vertellen.
3. Zondag kan hij met zijn hond in het park wandelen.
4. Deze zomer willen wij bij onze oma op het platteland blijven.
5. Deze week kan ik met mijn team in de sporthal van een ander team verliezen.
6.…Read More -
Recept E:
Morgen luister ik met jou naar muziek in de keuken.
In december praat ik thuis met jou over de feestdagen.
Later pas ik samen met jou kleren in de winkel.
Vanavond bekijk ik de opdracht samen met jou op school.
Morgen geniet ik met jou van de zon in het park.Recept F:
Vanavond zal ik in de woonkamer met jou naar een film kijken.
Morgen…Read More -
Recept E:
1. Morgen mag ik met jou thuis brief versturen
2. Vanavond moet ik met hem op straat bomen planten
3. Morgen zij moet met hem in de kapsalon haar knippen
4. Vandaag wil ik met haar thuis voetbal kijken.
5. Oom 3 uur ik met haar in de supermarkt boodschappen doenRecept F:
6. Soms wil ik in de bibliotheek met ze Nederlands praten
7.…Read More -
Recept E:
1. Morgen moet ik met haar op het station mijn tas ophalen.
2. Vanavond zal jij met mij in de keuken de soep bereiden.
3. Straks gaan wij met jullie in de tuin de planten water geven.
4. Vandaag mag jij met hem in de bibliotheek een boek uitzoeken.
5. Om 11 uur kun jij met haar in de winkel cadeaus kiezen.Recept F:
1. Morgen ga ik in…Read More -
Recept E:
1. Morgen wil ik met jou thuis gitaar spelen?
2. Om 3 uur wil hij met mij in het park voetballen?
3. Vanavond willen jullie met haar op school wandelen?
4. Morgen wil hij met haar thuis over het boek praten?
5. Overmorgen willen zij met hem in de bioscoop een film kijken?Recept F:
1. Morgen wil ik thuis met hem gitaar spelen?
2.…Read More -
Recept E:
1. Morgen zal ik met jou thuis keleren strijken
2. Volgende jaar mag hij met jou naar Nederland gaan
3. Deze week zal zij met haar in het centrum winkelen
4. Vanavond zullen wij met jullie thuis Stranger Things kijken
5. Vandaag zullen wij met jullie in het park voetballenRecept F:
1. Nu zullen wij in de keuken met jullie groenten…Read More -
Recept E
1 Terwijl jullie wachten op haar, kan hij met jou in de stad over zijn project denken.
2 Nu wil mijn zoon met zijn vriend zijn jas in de gang aan de muur hangen.
3 Tijdens de les wil zij met haar beste vriendin in de klas naast het raam zitten.
4 Nu moet ik met jou thuis met de telefoon van mijn broer naar dat ziekenhuis bellen.
5 Na twee…Read More -
1. Vandaag wil hij met ons op school nieuwe woorden leren.
2. Volgende week zal zij met hen in het cafe over de vakantie praten.
3. Vanavond zal hij met haar in de keuken het eten maken.
4. Vanmiddag wil jij met mij in de tuin de vogels herkennen.
5. Vanavond zal ik met jou in de bibliotheek de film bekijken.1. Morgen zal ik in de garage met jou…Read More
-
Recept E:
1. Morgen wil ik met haar in de stad een nieuwe jas kopen.
2. Vanavond ga ik voor hem in de supermarkt een taart halen.
3. Dit weekend gaat zij met ons in het restaurant een verjaardagsdiner eten.
4. Volgende week zal hij voor haar op kantoor een brief schrijven.
5. Elke zomer moet zij met hen in het park een picknick houden.Recept…Read More
-
E: TIJD/WW/FW/VRIEND/PLAATS/WAT/WW2
1. Morgen zal ik met mijn collega op kantoor over het project praten.
2.Vanavond ga ik met mijn vriend in het café over de film spreken.
3.Volgende week wil zij met haar zus op school over het examen overleggen.
4. Gisteren heb ik met mijn collega op kantoor het probleem besproken.
5. Dit weekend gaan wij met…Read More -
Recept E
1. Vandaag wil ik voor jou in de markt een cadeautje kopen.
2. Morgen zullen wij met onze familie op het feest een foto maken.
3. Nu moet ik met mijn dokter bij het huisartsenpraktijk een afspraakmaken.
4. Morgen zal ik met mijn vrienden bij het centrum boodschappen.
5. Dit week moet ik voor jou in mijn keuken een taart bakken.
Recept…Read More -
Recept E
1- Vandaag willen zij met hem thuis op de computer spelen.
2- Morgen wil hij met haar op school over hun relatie praten.
3- In de middag wil hij met haar in de keuken een taart bakken.
4- Volgende maand zal zij met hem naar Frankrijk op vakantie gaan.
5- Vandaag moet ik hen in het restaurant voor huiswerk ontmoeten.
Recept F
6- Vandaag…Read More -
E:
1. Morgen kan jij met mij thuis de film kijken
2. Vanavond wil zij met hem op school over het probleem praten
3. Vandaag moeten wij met haar naar de station wachten
4. Vanavond mogen zij met ons hier naar muziek luisteren
5. Volgende week zal hij met mij bij werk over de examen denkenF
1. Later wil Ik thuis met jou voor de sluetel zoeken
2.…Read More -
Recept E
1. Morgen zal hij met hem in de buurt een pakketje aan de klant leveren.
2. Deze week zal hij met ons op kantoor aan de nieuwe regels wennen.
3. Morgen kan zij met haar op het werk een e-mail naar het bedrijf sturen.
4. Morgen wil zij met hem bij de huisarts een afspraak maken.
5. Deze week wil ik met hem thuis een verhaal…Read More -
Recept E:
1. Vanavond ga ik met haar in de supermarkt boodschappen doen.
2. Zaterdag wil jij met hem thuis het huiswerk maken.
3. In april mogen wij met onze ouders naar de tulpentuin gaan.
4. Morgen zullen jullie op kantoor met haar werken.
5. ‘s avonds kunnen wij met hem in het park wandelen.
Recept F:
1. Morgen wil ik in het park met jullie v…Read More -
Recept E
1. De laatste tijd wil ik vaker met hem naar verre landen reizen.
2. Straks ga ik voor haar bij Chanel kleren bestellen.
3. Vanavond gaat hij met haar in de balzaal een Weense wals dansen.
4. Vandaag zal ik van u op kantoor op een snelle reactie hopen.
5. Elke dag moet ik met ze in het park onze hond uitlaten.
Recept F.
1. Soms kan ik…Read More -
Recept E
1- Volgende week zal ik mijn zus in haar kamer over het praten.
2- Vanavond zal ik mijn moeder helpen met het eten koken.
3- Morgen zal ik mijn kamer opruimen.
4- Zaterdag zal ik mijn oma bezoeken.
5- Deze week zal ik meer water drinken.Recept F
1- Morgen zal ik in de stad met mijn vrienden nieuwe schoenen kopen.
2- Morgen zal ik thuis…Read More -
Recept E:
1. Morgen ga ik met jou naar school over mijn huiswerk maken.
2.Vanavond zal je met haar thuis over het eten koken.
3.Vandaag moet hij met jou op kantoor over rapport schrijven.
4. Zaterdag kan zij met jullie in de stad over nieuwe schoenen kopen.
5. Morgen ga ik met mijn broer in het park voetbal spelen.Rcept F:
6.Volgende willen…Read More -
Recept E:
1. Vanavond ga ik met haar in de supermarkt boodschappen doen.
2. Zaterdag wil jij met hem thuis het huiswerk maken.
3. In april mogen wij met onze ouders naar de tulpentuin gaan.
4. Morgen zullen jullie op kantoor met haar werken.
5. ‘s avonds kunnen wij met hem in het park wandelen.
Recept F:
1. Morgen wil ik in het park met jullie v…Read More -
Recipe E
1. Vanavond zal ik haar in het restaurant voor het diner ontmoeten.
2.Morgen kan hij ons bij het vliegveld met de koffers helpen.
3.Volgende week wil zij hem op kantoor over de nieuwe strategie spreken.
4. Later zullen wij hen in de stad voor het evenement uitnodigen.
5.Overmorgen moet ik jou bij het ziekenhuis voor de afspraak…Read More -
E
1. Morgen gaan wij met jou in de stad de film zien.
2. Vandaag moet ik aan hem op school het geld geven.
3. Vanavond wil hij met haar in het restaurant lasagne eten.
4. Maandag wil zij met hem in de winkel de jas kopen.
5. Zaterdag kunnen jullie met mij in het station de sleutels vinden.F
1. Morgen gaan wij in de stad met jou de film zien.
2.…Read More -
E:
1. Vandaag wil ik met haar op het bedrijf over een belangrijk onderwerp spreken.
2. Vanavond mag je met mij op de weg in mijn auto rijden.
3. Morgen zal ze met hen in het park volleybal spelen.
4. In het weekend willen wij met jullie dicht bij de rivier iets eten.
5. ‘s Middags kunnen jullie met ons thuis iets eten.F:
1. Morgen wil ik op k…Read More -
Recept E
1. Morgen wil ik met hem in de keuken een taart bakken.
2. Vanavond zal ik met mijn man thuis een film kijken.
3. Morgen wil ik met haar in het cafe koffie drinken.
4. Volgende week wil ik met mijn collega op kantoor een vergadering hebben.
5. Dit jaar wil ik met hem op een eiland een jubileum vieren.Recept F
1. Nu kan ik in de tuin met…Read More -
Recept E
1. Om tien uur ga ik voor u in het appartement over de plattegrond praten.
2. Vandaag kun je met mij op de taart de kaarsen zetten.
3. Tijdens deze avond mag u met haar bij vrienden thuis voor het bedrijf kennismaken.
4. Op donderdag zal hij met hen op school met een schaar knippen.
5. Tot aanstaande maandag gaat zij hen op het werk de…Read More -
E
1. Morgen wil ik met hem thuis kamers schoonmaken.
2. Vandaag wil hij met zijn vriendin buiten een date hebben.
3. Vanavond moet ze met haar kat in de tuin spelen.
4. Om 6 uur willen ze met hun hond in de tent samen opstaan.
5. Overmorgen zullen we ons/elkaar met het huiswerk op school ontmoeten.
F
1. Morgen wil ik thuis met haar boeken…Read More -
E:
1. Vanavond wil hij met haar thuis een feestje organiseren.
2. De komende week kunnen ze met hen dit gebouw afbouwen.
3. Op maandag moet je me op kantoor het geld betalen.
4. Om 6 uur kunnen wij met jullie thuis een film kijken.
5. Op dit moment moeten jullie bij ons op tafel dit boek brengen.
F:
6. Morgen wil je in het café met haar voor de…Read More -
Recept E
1. Morgen wil ik met mijn vriendin in het centrum lunchen.
2. Vanavond gaan we met jullie thuis een serie kijken.
3. Op zaterdag kan hij met zijn familie in het park wandelen.
4. Vandaag moet zij met haar collega op kantoor werken.
5. Volgend jaar willen zij met hun vrienden in Italië reizen.Recept F
1. Morgen wil ik in de bibliotheek…Read More -
E]
1. Morgen zal ik met mijn man in Phillips stadion voetbal kijken.
2. Vandaag moet ik met mijn collega op kantoor dat project beginnen.
3. Vanavond zullen wij met onze vriend in het restaurant koreaans gerecht eten.
4. Nu ga ik met mijn zus naar de supermarkt boodschappen doen.
5. Vanmiddag wil ik met hem thuis even rust nemen.F]
1. Morgen…Read More -
Recept E
1. Morgen wil mijn collega mij voor het examen zakken.
2. Volgend jaar wil ik met mijn vrouw naar Vietnam gaan.
3. Volgende week kan ik met mijn vriend naar een wedstrijd van PSV kijken.
4. Nu wil ik met mijn hond buiten wandelen.
5. Morgen zal ik met mijn collega in het park over de film praten.Recept F
1. Vanavond zal ik thuis met…Read More -
p.120. op 3 1. Morgen kan ik met jou op school over de toets praten.
2. Op dit moment wil hij met haar in de tuin roken.
3. Morgen wil ze met ons op kantoor over het werk spreken.
4. Nu wil hij met haar van vakantie dromen.
5. Morgen zal ik met hen in de klas over de opdracht praten.
6. Vandaag kan ik met haar in de keuken over het eten praten.
7.…Read More -
Recept E
1- Morgen wil Ik met jou in een cafe koffie drinken.
2- Vanavond wil Ik met jou in het restaurant een vismaaltijd eten.
3- Volgende maand wil hij met ons bij zijn huis over de situatie praten.
4- Morgen zullen jullie met ze bij hen thuis ontbijt maken.
5- Volgend jaar willen wij met jouw gezin naar Griekenland gaan.
Recept F
1- Morgen zal…Read More -
1. Morgen wil ik met mijn zus in de bibliotheek een boek lezen.
2. Vanavond wil hij met zijn broer in de keuken pasta koken.
3. Zaterdag willen wij met onze vrienden in het centrum kleding kopen.
4. Volgende week moeten zij met hun docent op school een nieuw project voorbereiden.
5. Morgenavond kun je met jouw vriend thuis een nieuw spel…Read More -
⎯⎯⎯ Recept E ⎯⎯⎯
#1 — De volgende keer zal jij met mij in de bioscoop op jouw mening over de popcorn vertrouwen.
#2 — Morgen wil ik met haar in de les van de docent op jou rekenen.
#3 — Op vrijdagmiddag wil zij met hem in de bibliotheek aan ons huiswerk werken.
#4 — Het volgende jaar kun jij met hem in een kasteel in Frankrijk wonen.
Read More -
1. Morgenochtend kan ik jou naar school met jouw vrienden rijden.
2. Morgen zullen wij met hen thuis een feest geven.
3. Vanochtend wil hij met haar naar de markt voor boodschappen gaan.
4. Vanmiddag zal zij met hem in de Kruisstraat voor lunch eten.
5. Morgen zullen zij met hun kinderen naar Frankrijk voor een bergtrip gaan.
6. Vanavond zal ik in…Read More -
Recept E
1. Morgen wil ik met jou in de bioscoop films kijken.
2. Vanavond zal zij met mij in de supermarkt appelsap kopen.
3. Om 3 uur willen wij met onze kinderen op televisie een voetbalgame kijken.
4. Morgenochtend wil hij met haar in de stad een marathon rennen.
5. Op zondag ga ik met jou in de keuken de koelkast schoonmaken.Recept F
1.…Read More -
Recept E
1. Morgen ga ik in het park met mijn man fitnessen.
2. Op 5 december gaat Sinterklaas in het centrum met Piet cadeautjes geven.
3. Op 1 januari zullen wij thuis met onze vrienden eten.
4. In het weekend moet zij in TUE met haar docent over haar scriptie spreken.
5. In deze maand gaat hij in Utrecht met zijn buurman een nieuwe motor…Read More -
1. Volgende maand zal ik met jou op school over jouw huiswerk praten.
2. Vanavond wil ik in het park met haar met de hond spelen.
3. Morgen zal ik bij jou in de stad blijven.
4. Om zes uur kan hij thuis bij mij boodschappen brengen.
5. Morgen wil ik met haar thuis een afspraak maken.
6. Morgen zal ze op school met ons over de film praten.
7.…Read More -
1. Morgen moet ik met hem thuis boek lezen.
2. Vandaag kan ik met jou thuis naar de radio luisteren.
3.Ik wil altijd bij jou thuis blijven.
4.Ik wil vanavond een bordspel met je spelen in het park.
5. Op zijn verjaardag kunnen we hem cadeaus op kantoor brengen.
6. Deze week wil ik thuis met haar de plannen voor vakantie maken -
1 – Morgen wil ik met jou in het park een wandeling maken.
2 – Vanavond zal hij met zijn collega op kantoor een rapport bespreken.
3 – Volgende week kunnen wij met onze buren in het restaurant een maaltijd eten.
4 – Morgenmiddag moet zij met haar moeder in de supermarkt boodschappen doen.
5 – Op zaterdag willen jullie met de docent op school he…Read More -
1. Morgen wil ik met jou thuis over het eten koken.
2. Vanmiddag kan ik met jou op school over de cursus leren.
3. Vanavond moet ik met jou thuis over het werk praten.
4. Straks wil ik met jou in de tuin over de game spelen.
5. Morgen ga ik met jou op het station over de trein…Read More-
Part 1: see previous corrections
…………
1….met jou de fiets kopen.
2…met jou koffie drinken.
3…met jou de vakantie boeken/..informatie over de vakantie zoeken.
4..met jou de sportwedstrijd kijken.
5..met jou de krant lezen.Do not use “over” everywhere. It is a preposition belonging to only some verbs (praten over, nadenken over ..)
-
- Load More Posts

4. juli
6. in het stadion
12. zondag