-
Dutchbook huiswerk:👍
Boek. Pagina 173
Opdracht 3
Plaats jouw antwoorden hieronder:129 Comments-
1. Jij gaat elk weekend naar de Lidl om boodschappen te doen.
2.Zij zitten vanavond op het strand om zonsondergang te kijken.
3. Wij gaan volgende maand naar Italië om vakantie te genieten.
4. Zij loopt richting de zebralijn om de weg over te steken.
5. Ik ga naar de site om een scan te maken met de Navvis VLX 2. -
1. Ik koop alleen vandaag om korting te krijgen.
2. Ik douche voor het slapengaan om schoon te slapen.
3. Ik drink elke dag om een gezonder lichaam te krijgen.
4. Ik reis morgen om bij mijn familie weg te gaan.
5. Ik heb op vrijdag om een afspraak te gaan.
6. Ze wordt ‘s ochtends vroeg wakker om naar school te gaan.
7. Ik heb gisteren gekoc…Read More -
1. Ik ben in februari begon met de cursus om Nederlands te spreken.
2. Ik ga vandag een museum bezoeken om mijn creativiteit te verbeteren.
3. Ik drink elke dag twee liter water om in de waterbehoefte van mijn lichaam te voorzien. -
1. Ik loop elke dag om goed gezond te zijn.
2. Ik kook vanavond om avondeten te eten.
3. Ik lees elke dag om meer te leren. -
1. Hij stuurt morgenochtend een e-mail om informatie te vragen.
2. Zij komt vanavond om samen te eten.
3. Jullie gaan straks om de kinderen op te halen. -
1. Ik sport elke dag om fit te blijven.
2. Ik bel mijn moeder elke weekends om iets te vertellen.
3. Ik schrijf elke ochtend iets in mijn agenda om het niet te vergeten. -
1. We spreken vandaag af om samen te vieren.
2. We doen vanavond mee aan de les om Nederlands te leren.
3. We gaan morgen samen naar het feestje om elkaar beter te leren kennen. -
1. Ik haast me vanochtend om de trein te nemen.
2. Wij belden gisteren om een tafel te reserveren.
3. Ik gebruik mijn telefoon ’s ochtends om Instagram te checken.
4. Zij rijdt vandaag om sollicitatiegesprek te hebben.
5. Zij kloppen vanavond aan om zout te vragen.
6. Wij reizen elk jaar om nieuwe plekken te bezoeken.
7. Zij eten ’s ochtends om…Read More -
1. Ik wandel ‘s ochtends om gezond te blijven.
2. Ik maak vandaag schoon om een diner te organiseren.
3. Ik kook ‘s avonds om ‘s ochtends snel te eten.
4. Ik blijf vandaag thuis om griep te vermijden.
5. Ik zing vanavond om met mijn vrienden in karaoke te lachen.
6. Ik zwem elke week om zwemmen te leren.
7. Ik drink elke dag om gehydrateerd te bl…Read More -
1. Ik werk in het weekend om het project klaar te maken.
2. Hij belt mij vandaag om een afspraak te maken.
3. Ik zie hen vanmiddag om een biertje te drinken. -
1. Ik kom nu om mijn kinderen op te halen.
2. Hij kwam gisteren om zijn boek op te halen.
3. Jullie komen straks om de trein te nemen.
4. Jij leest vanmiddag om je boek uit te lezen.
5. Zij werkt in het weekend om een vrije maandag te hebben.
6. Ik besluit vandaag om een nieuwe cursus te beginnen.
7. Hij belde vanmiddag om haar stem te horen. -
1.Ik probeer vanavond om gezond te koken.
2.Ik wil in het weekend om met mijn vrienden te praten.
3.Ik heb tijd vanmiddag om boodschappen te doen. -
1. Ik werk doordeweeks om geld te verdienen.
2. Zij kookt vandaag om morgen naar haar werk mee te nemen.
3. Jullie vergaderen morgen om een feest te organiseren. -
1. Ze leest elke dag om haar kennis te vergroten.
2. Hij belt elke dag om met zijn moeder te praten.
3. Ik ga morgen (in het park) om een wandeling te maken. -
1. Ik hardloop elke dag om gezond te worden.
2. Zij heeft gisteren veel geleerd om voor de test te slagen.
3. Wij werken hard vanavond om veel geld te verdienen. -
1. Zij bel elke avond om met me te praten.
2. Hij wandelt ’s avonds in het park om zijn lichaam te ontspannen.
3. Zij sport elke dag in de sportschool om fit te blijven. -
1. Ik kan morgen om auto te rijden
2. Ik moet volgende week om een afspraak te gaan
3. Ik ga vanavond om de winkel te boodschappen
4. Hij gaat morgen om het podium te spreken
5. Zij zal vanavond om het park schaatsen -
1. Hij komt morgen om de telefone te repareren.
2. Ik ga vanavond om muziek te leren.
3. Wij denken dat in het weekend om een taart te maken. -
1. Ik waak ‘s ochtends om stroopwafels te maken.
2. Ik roep ‘s middags om een stroopwafel te bestellen.
3. Ik laat ‘s avonds om goedkope stroom te krikken. -
1. Wij gaan morgen naar de stad om kleding te kopen.
2. Ik lees elke dag artikelen om nieuwe woorden te leren.
3. Hij leest elke ochtend de krant om nieuws te volgen.
4. Ik kook elk weekend om op weekdagen te eten.
5. Ik ga vanmiddag uit om vrienden te ontmoeten. -
1. Ik probeer vandaag om op tijd te komen.
2. Zij probeert het elke dag opnieuw te doen om het te onthouden.
3. Hij werkt elke dag heel hard om het project af te ronden.
4. Hij sprak gisteren zo snel om het te begrijpen.
5. Hij verraste haar twee dagen geleden om haar blij te maken.
6. Het was vervelend een week geleden om in de regen en wind te…Read More -
1- Zij staan om 2 uur morgen op om Oscar ceremonie te kijken.
2- Hij eet om woesdags vroeg zijn avondeten om zijn cursus te gaan.
3- Zij sta om 6 uur elke dag op om yoga te doen.
4- Zij gaat om dinsdag naar haar zus om baby van haar zus te oppassen. -
1. Ik bel vanmorgen om een afspraak te maken.
2. Ik werk vandaag om geld te verdienen.
3. Ik studeer vanavond om het examen te halen.
4. Ik sport elke dag om fit te blijven.
5. Ik lees ’s avonds om meer te leren.
6. Ik kook vanmiddag om het eten klaar te maken.
7. Ik oefen morgen om mijn Nederlands te verbeteren.
8. Ik ga morgen om boodschappen t…Read More -
1. Zij danst ’s avonds om te ontspannen.
2. Hij loopt elke ochtend om fit te blijven.
3. Wij reizen deze zomer om te ontdekken.
4. Je studeert nu om te slagen.
5. Ik sta morgen vroeg op om te mediteren.
6. Zij leest elke nacht om beter te slapen.
7. Hij zwijgt soms om te luisteren.
8. Je oefent dagelijks om sterker te worden.
9. Zij blijft thuis v…Read More -
1. Ik besluit vanavond om een gerecht te maken.
2. Wij gaan vandaag naar de markt om groente te kopen.
3. Het is niet goed om altijd kant-en-klaar voedsel te eten.
4. Hij gaat morgen naar kantoor om een presentatie te geven.
5. Het kind vindt het leuk om videogames te spelen.
6. Zij reist vandaag af om haar ouders te ontmoeten.
7. We zijn gisteren…Read More -
1. Hij oefent elke dag om beter te worden.
2. Ik ga vroeg naar bed om gezond te blijven.
3. Wij koken altijd samen om iets lekkers te eten.
4. Zij doet sport om gezond te blijven.
5. Ik kijk vanavond om een film te ontspannen. -
1. Ik sport 3 keer per week om gezond te blijven.
2. Ik reis volgende week om nieuwe plekken te ontdekken.
3. Ik lees straks om meer informatie te krijgen.
4. Hij koopt vandaag om een cadeau te geven.
5. Ik bel ’s avonds mijn familie om bij te praten. -
1. Ik loop vandaag hard om de wedstrijd te winnen.
2. Wij gingen gisteren naar de supermarkt om boodschappen te doen.
3. Hij werkt als vrijwilliger op zaterdag om mensen te helpen.
4. Jullie reizen regelmatig om nieuwe ervaringen op te doen.
5. Ze reist elk jaar om nieuwe landen te leren kennen.
6. Je ging gisteren naar de bioscoop om de film te…Read More -
1. Ik loop morgen om frisse lucht te ademen.
2. Ik sport ’s ochtends om nuchter te worden.
3. Ik ga naar China in november om mijn ouders te bezoeken.
4. Ik adem elke dag om levend te blijven.
5. Ik eet elke dag om energie te krijgen. -
1. Hij staat vroeg op om het roerei klaar te maken.
2. Zij rende gisteren rond om papieren te vinden.
3. Je haat het je hele leven al om uien te snipperen.
4. Het duurde een eeuw om de kinderen te overtuigen.
5. Hij werkte langdurig om de draad aan te sluiten.
6. Ze oefenen sinds vanmorgen om de agenda te beheren.
7. Hij besloot onlangs om zijn…Read More -
1. Ik oefen elke dag om nieuwe woorden te onthouden.
2. Zij reist volgende maand om nieuwe steden te ontdekken.
3. Ik gebruik mijn telefoon iedere ochtend om mijn afspraken na te kijken.
4. Ik bel haar vanavond om een andere vergadering te regelen.
5. Ik ga morgen naar het ziekenhuis om voor mijn man te zorgen. -
1. Ik ga morgen naar de winkel om brood te kopen.
2. Zij studeert elke avond om voor haar toets te slagen.
3. Wij gaan zaterdag naar het park om met de hond te wandelen.
4. Jij gaat vanmiddag naar de bibliotheek om de boeken te lezen.
5. Zij belt vandaag zijn moeder om over zijn zus te praten.
6. Mijn vriendinnen komen morgen naar mijn huis om een…Read More -
1. Ik probeer dit jaar om een nieuwe baan te vinden.
2. Ik zit nu om mijn huiswerk te maken.
3. Ik vergat op maandag om een belangrijk onderwerp te noemen.
4. Ik spaar nu om later goed te kunnen besteden.
5. Hij weigert altijd om het te beloven. -
Ik ga ‘s avonds om boodschappen te kopen.
Ik oefen nu om beter te communiceren.
Ik ga vaak om spieren te trainen.
Ik spaar deze mand om een auto te kopen.
Ik kook thuis om gezond te eten.
Ik fiets morgen om tijd te besparen.
Ik luister na het avondeten om te ontspannen.
Ik gebruik mijn computer dit weekend om informatie te zoeken.
Ik ga vroeg v…Read More -
1. Ik probeer in oktober om het inburgeringsexamen te doen.
2. Wij gingen dit jaar naar Kroatië om onze vakantie te genieten.
3. Zij koopt nu lades om materiaal te bewaren.
4. Hij gaat vandaag naar de supermarkt om boodschappen te doen.
5. Ik ga morgen naar kantoor om een vergadering bij te wonen. -
1. Ik werk morgen om een rapport te maken.
2. Ik studeer vanavond om een examen te halen.
3. Ik kook vanavond om een maaltijd te maken.
4. Zij werkt vandaag om een project af te maken.
5. Hij komt vanmiddag om een koffie te drinken.
- Load More Posts

naar de winkel om schoenen te kopen